zondag 4 januari 2015

Pendragon XIX - De uitslag

En dan nu de ontknoping van twee sessies spelen, wie wordt de Hoge Koning van heel Brittannië? Wordt het Uther, die hier al een hele tijd naar streeft en dezelfde titel als zijn oudere broer wil claimen? Of wordt het Cerdic, zoon van een de Hoge Koning die Brittannië verraden heeft aan de Saksen? In deze aflevering komt het allemaal tot een hoogtepunt en de ridders uit Salisbury spelen natuurlijk een belangrijke rol bij de ontknoping.

Historisch overzicht
Benno van Steeple Langford

14 mei 497, Silchester, Silchester

In Silchester zijn 24 van de 28 leden van het Supreme Collegium aanwezig. De ridders uit Salisbury hebben in de afgelopen dagen al een zaak van ernstige corruptie weten te onthullen en nu zijn er nog maar 24 uur te gaan tot de verkiezing, morgen, na de mis voor Pinksteren. 
Sir Benno, Sir Caulas, Sir Eliot en Sir Ignaeus laten hun oren hun werk doen tijdens de drukte in Silchester en zij zien dat er ongeveer 10 leden (Gloucester, Huntington, Cameliard, Caercolun, Malahaut, Hertogdom Cornwall, Jagent, Salisbury, Silchester en de Rooms Christelijke kerk) openlijk voor Uther zijn, slechts 4 leden zijn openlijk voor Cerdic (Koninkrijk Cornwall, Cheshire, Orofoise en Hampshire) en dat maar liefst 10 leden (Powys, Escavalon, Gorre, Dorset, Lindsey, London, Amans, de Brits Christelijke kerk, Dean en Somerset) het nog niet weten. 

Sir Ignaeus laat het er niet bij zitten. Een van zijn nichten trouwt binnenkort met Preator Jonathel van Dorset, een uitgelezen kans natuurlijk om de Preator de juiste kant te laten kiezen natuurlijk. De slimme woorden van Ignaeus halen Preator Jonathel over om de kant van Uther te kiezen. 

Sir Caulas overlegt met de Koning van Somerset, Bagdemagu. Er is al afgesproken dat de tweelingbroer van Sir Caulas, Sir Morganor, zal trouwen met een dochter van Koning Bagdemagu. Misschien dat dit hem kan overhalen om zijn stem aan Uther te geven. Koning Bademagu heeft hier wel oren naar, maar wil daar dan wel wat voor terug. Hij is weduwnaar en hij wil trouwen met Weduwe Ellen van Salisbury. Het kind dat voortkomt uit dat huwelijk zal dan regeren over Salisbury en zo zullen de rijken van Somerset en Salisbury dan nader met elkaar verbonden zijn. Sir Caulas zal dit voorleggen aan Koning Uther, maar daarvoor wil hij dan wel weer een extra leen in Somerset, voor zichzelf. 
(Dit gaat nog problemen geven, vrouwe Ellen heeft al een dochter Jenna (15) en een zoon Robert (12), Robert is de rechtmatige erfgenaam van Salisbury. Hoe zal Uther dit oplossen? Broeit er nu al strijd tussen Somerset en Salisbury?)

Sir Benno bewerkt de Lord Mayor van London, ook deze moet inzien dat voor Uther stemmen hem meer op zal leveren. Wanneer er geen Hoge Koning gekozen zal worden, zal dat leiden tot een burgeroorlog. De Lord Mayor is pragmatisch, hij zal bezien hoe de wind waait en stemt dan mee met de winnaar. Sir Benno vraagt wat er nodig is om te zorgen dat Uther kan rekenen op de steun van de Lord Mayor. Deze geeft terug dat het wel fijn zou zijn wanneer Uther zijn progress de komende 10 jaar ieder jaar zou starten in London. Dit zou een hoop handelsvoordeel opleveren voor London (Maar ook voor scheve ogen zorgen bij de andere leenmannen van Uther, maar daar geeft de Lord mayor niets om)

Sir Eliot legt zijn oor te luisteren en vangt op dat wanneer Sir Caulas in Silchester is om te stoken in de verkiezing van de Hoge Koning, zijn vrouwe Elaine (bijgenaamd de hoer van Salisbury) hoog bezoek ontvangt. Sir Eliot flirt met een dienstmeid uit het gevolg van Tisbury, om zo uit te vissen waar zij heen gaat en wie zij ontmoet. Met deze informatie volgt hij haar naar het kasteel van Silchester, waar de ridders oefenen. 
Sir Eliot ziet Elaine naar het kasteel gaan. Waar alle andere vrouwen en jonge mannen kijken naar de oefenende ridders, gaat zij stilletjes via een klein poortje het kasteel binnen. Eliot volgt haar. Door de gangen ziet hij haar een  kleine alkoof ingaan. Hij luistert even en hoort twee minnaars tegen elkaar praten. 
Sir Eliot rukt het gordijn weg en ziet daar Vrouwe Elaine, terwijl haar hand gekust wordt door een nobele ridder. Sir Eliot herkent hem als Nanteleod, Koning van Escavalon!

Weer een Koning die niet van andermans vrouwen af kan blijven!
Sir Eliot wordt boos en probeert de eer van zijn vriend Sir Caulas te verdedigen. Maar Koning Nanteleod is boos dat zijn affaire en momentje met laaggeplaatste vrouw ontdekt is. Hij probeert Eliot weg te sturen. Na wat boze woorden over en weer eindigt dit in een duel. De beide heethoofdige ridders lopen meteen naar buiten, naar het oefenterrein, om daar hun grieven te kunnen uiten. De gehele bevolking van Silchester kijkt toe en alle verzamelde koningen en hooggeplaatste edelen en hun gevolg natuurlijk ook.
Sir Eliot is geïnspireerd door zijn passie voor de eer van zijn vrienden (Honor Passion succes) en Koning Nanteleod eveneens. Sir Caulas wil hier niets mee te maken hebben. Hij geeft niets om zijn vrouw, deze transgressie is niet ernstig genoeg om haar te verstoten en een gevecht met een Koning kan hij nu niet hebben. 

Sir Eliot: Deze man die zich koning noemt, zat met zijn handen aan de vrouw van een ander!
Willekeurig boertje uit het publiek: Dat doen koningen toch altijd?

Dan trekken de beide ridders ten strijde. Sir Eliot ziet rood van woede en slaat met een machtige houw Nanteleod in een keer bewusteloos. Dit is de best mogelijke uitkomst. Wanneer een van twee werkelijk gedood was, had dat waarschijnlijk tot oorlog geleid. En hiermee is Koning Nanteleod ook uitgeschakeld voor de stemming van morgen. 

Sir Benno probeert nog de Aartsbisschop van St. Albans zover te krijgen om de zaak van Uther te steunen. Extra verdediging voor St. Albans tegen de Saksen is toch zeker wel bespreekbaar. 

Vrouwe Adwen is boos op haar man, Sir Eliot. Zij zag hoe hij een laaggeplaatste dienstmaagd kuste! Sir Eliot is erg van zijn stuk, want hij houdt veel van zijn vrouw. Zij staat erop dat hij haar in het openbaar toont hoeveel hij van haar houdt. Hij besluit om later die avond een gedicht aan haar schoonheid voor te dragen, waar iedereen het kan horen. Daarmee is vrouwe Adwen weer tevreden gesteld. 
(Met de handelingen van Koning Nanteleod en Sir Eliot krijgt de ontwikkeling van het Hoofse Liefde wel een flinke impuls momenteel.)

15 mei

Dan is het Pinksteren. de Brits Christelijke en Romeins Christelijke ridders gaan allemaal naar de grote kerk van Silchester, waar de bisschoppen van St. Albans en van Carlion een gezamenlijke dienst houden, waarbij zij oproepen tot samenwerking en vrede tussen alle dienaren van God. 
Daarna trekken de 23 leden van het Supreme Collegium zich terug met de twee kandidaten voor het Hoge Koning-schap. Wie zal er verkozen worden? Hebben alle manipulaties van de ridders uit Salisbury nu eigenlijk zin gehad?
Dan komt Bisschop Dubricus van Carlion weer naar buiten met de twee kandidaten, Uther en Cerdic. Hij kondigt aan dat Uther vanaf nu Hoge Koning is en dat hij regeert over geheel Brittannië. Het is nu zaak om te laten zien dat alleen hiermee instemmen. 
Formeel feliciteert iedereen Uther, maar het is wel duidelijk dat Cerdic op een andere uitslag had gehoopt. En aan de gezichten te zien waren ook de leiders van Cornwall, Gorre, Orofoise, Dean en Hampshire niet tevreden met deze uitslag. 

Die avond wordt er flink feest gevierd. Sir Benno roept in een toespraak op tot vrede en samenwerking tussen alle Britse volkeren. En Sir Gilbert roept op tot bloedige oorlog tegen de Saksen. Niets kan ons nu meer in de weg staan, nu wij verenigd zijn. 

Winterphase 497/ 498

Dan is het tijd om op huis aan te gaan. Teveel koningen hebben hun rijken alleen gelaten en zij moeten nu weer terug naar huis om dit belangrijke nieuws aan hun onderdanen mede te delen. En wat zal het komende jaar brengen? Nu de Britten verenigd zijn, moet een strijd tegen de Saksen toch makkelijk te winnen zijn? Waar zal de Hoge Koning toe willen slaan?

De ridders hebben bezit in verschillende gebieden nu, in Salisbury en in Rydychan. Dus ook twee verschillende oogsten.
Sir Benno gaat met een normale oogst door het leven. Zijn familie blijft verder in leven.
Sir Caulas heeft het druk. Hij gaat als een superrijke ridder door het leven, hoewel zijn landgoed in Rydychan maar matig presteert. Daarnaast regelt hij het huwelijk voor zijn broer Morganor de Bruut met Prinses Sioned, de dochter van Bademagu, Koning van Somerset. Morganor krijgt daarmee het bezit over Frome, een welvarend stadje in Somerset. En Caulas krijgt als beloning voor zijn inspanningen het leen van Nunney. Verder schenkt zijn vrouwe Elaine hem weer een zoon, die hij Perin noemt, naar de halfbroer die hij vorig jaar nog doodde in Hantonne.
Sir Eliot gaat als superrijke ridder door het leven. Verder sluit hij ook een huwelijk. Zijn broer Edward trouwt met Cornelia, een nicht van Sir Ignaeus. Maar ondanks dat gelukkig nieuws, slaat rampspoed hem niet over. Terwijl zijn vrouw Adwen het leven schenkt aan een zoon, sterft zij zelf in het kraambed.
Sir Gilbert kan als rijk ridder door het leven gaan, met de opbrengsten van zijn landgoederen in Salisbury. Zijn oudere bastaard-broer Dafy de Grote trouwt met Olivia Livius van Broughton en zijn halfbroer Grigor overlijdt op zesjarige leeftijd aan een kinderziekte.
Sir Ignaeus heeft een slechte oogst en gaat als arm ridder door het leven. Maar op andere vlakken heeft hij meer succes. Hij heeft twee van zijn nichten uitgehuwelijkt aan familie van zijn vrienden Eliot en Gilbert. Maar zijn laatste ongetrouwde nicht, Atia, huwelijkt hij uit aan de jonge Jonathel, Preator van Dorset. In dank hiervoor ontvangt hij het leen Handley in Dorset. Verder krijgt hij bij zijn vrouw Balinette weer een meisje, Lavinia genaamd. Zijn vader krijgt op late leeftijd nog een zoon, Atius.