Translate

vrijdag 17 april 2026

Don't Look Now

Onlangs kon ik de klassieker Don't Look Now (1973) van  Nicholas Roeg zien. In deze film zien we ook nog Donald Sutherland (Invasion of the Body Snatchers, The Eagle Has Landed), Julie Christie en 
Hillary Mason (The Legend of King Arthur, The Six Wives of Henry VIII). 



De film is gebaseerd op een kort verhaal van Daphne Du Maurier, waarvan de verhalen wel vaker verfilmd zijn (Rebecca, My Cousin Rachel). Daphne Du Maurier schreef verhalen met een psychologische horror - inslag. Dus ik bereidde me voor op een mild horrorverhaal. 

Spoilers

De film is uit 1973, maar ik had hem ook nog nooit gezien, dus let op. 

John (Sutherland) en Laura Baxter (Christie) wonen met hun twee kinderen in een mooi landhuis. Op een morgen zijn John en Laura aan het werk, terwijl de kinderen buitenspelen. Dochter Christine raakt te water en verdrinkt, terwijl een wanhopige John haar probeert te reanimeren. 

Enige tijd later zijn John en Laura in Venetië, waar John werkt aan de restauratie van een oude kerk. Het verlies van hun kind drukt nog steeds zwaar op hen. En de sfeer in Venetië is ook niet best, het vakantie-seizoen is voorbij en alle toeristen zijn weg. Bovendien waart er een moordenaar rond en er worden verschillende keren dode lichamen uit het water gevist. 
Laura probeert haar verdriet te boven te komen en maakt kennis met twee zussen Heather (Mason) en Wendy (Matania). Heather is blind, maar heeft ook visioenen. Zij zegt dat Christine nog altijd bij John en Laura is, en dat zij hen probeert te waarschuwen voor gevaar. John gelooft hier niets van en denkt dat de vrouwen oplichters zijn, maar Laura put veel troost uit de woorden van Heather. 
Laura wil gehoor geven aan de boodschap van Heather (en Christine) en Venentië verlaten, maar John zit net in een cruciaal stuk van zijn werk en wil niet weg. Bovendien gelooft hij niet in bovennatuurlijk geklets. 

Dan komt er een telefoontje van de kostschool van hun andere kind, John Jr. (ik was hem ook al bijna vergeten), die heeft een ongeluk gehad op school en is gewond geraakt. Laura neemt meteen het eerste vliegtuig terug naar Engeland en John zwaait haar uit. John gaat verder met zijn werk in de kerk en heeft bijna een fataal arbeidsongeval, wanneer de steiger waar hij opstaat ineens instort. Was dit dan de waarschuwing van de blinde zieneres?
later die dag ziet John ineens zijn vrouw op een boot, in rouwkleding, samen met de twee zusters, ook in het zwart. Hij is verbijsterd, zijn vrouw moet in Engeland zijn! En wat doet zij met die twee vervelende oplichtersters? Hij probeert haar aandacht te trekken, maar dat lukt niet. Dan gaat hij alle plekken af waar zijn vrouw en de zusters kunnen zijn. Daarbij ziet hij hij een kind rondrennen in hetzelfde rode jasje dat Christine ook droeg op de dag dat zij verdronk. Hij vindt geen spoor van zijn vrouw of de zusters en doet uiteindelijk aangifte van vermissing. 

Wanneer John belt met de school van zijn zoon (rijkelijk laat naar mijn idee), is hij verbijsterd wanneer zijn vrouw daar gewoon blijkt te zijn (zoals het plan was). Wie zag hij dan in de begrafenis - boot? Laura keert terug naar Venetië, maar zij en John lopen elkaar steeds mis. John ziet weer het kind in de rode jas en volgt het kind dit keer. Maar het is geen kind, het is de moordenaar, die al een tijd lang Venetië onveilig maakt. 

Conclusie

Ik vond dit een beetje een warrige film. Sutherland en Christie zijn heel goed als rouwend koppel dat de dood van hun kind niet te boven lijkt te kunnen komen, zelfs niet terwijl ze allebei eigenlijk heel aardig zijn en veel van elkaar houden.
Maar verder wil de film te veel. Een rouwend koppel is al spannend genoeg. Maar daar moet nog een helderziende blinde vrouw bij, en een seriemoordenaar. En heel veel Italiaans. En een hele lange, uitgebreide seksscene (Het blijven de jaren '70). Maak een keuze zou ik zeggen. 
Verder was de regisseur duidelijk gek op symboliek. Ten eerste de kleur rood. Christine draagt rood wanneer ze sterft, en verder is de film vrij flets van kleur. Iedere keer als er iets roods in beeld komt, valt dat meteen enorm op. Ook afbeeldingen en reflecties komen veel terug. Mensen worden gereflecteerd in water, in spiegels, in ramen. Ook worden er steeds maar tekeningen en andere afbeeldingen van mensen getoond. Op een gegeven moment is niet meer duidelijk of je nou naar een echte persoon of een reflectie kijkt. 
Tot slot werd er ook veel gespeeld met de tijd. Soms liepen herinneringen en het heden door elkaar. En zelfs de toekomst werd getoond, wanneer mensen visioenen hadden. Dat maakte de film voor de kijker alleen maar verwarrender. 

Prima acteurs, maar deze film stond mij iets te bol van symboliek. 

zondag 12 april 2026

Pepertjes

De lente is nog maar nauwelijks begonnen en ik ben alweer druk bezig voor een nieuw tuinseizoen. In verschillende bakjes staan alweer nieuwe plantjes voorzichtig te groeien, zodat ze straks zonder problemen de volle grond in kunnen. 




Na afloop van  beurzen komt mijn echtgenoot altijd aanzetten met zaadjes voor chili-pepertjes en dit keer zijn ze behoorlijk mooi opgekomen. Eerst heb ik ze laten groeien in het bijgeleverde potje, maar dat was al snel te klein en nu staan er verschillende chili-pepertjes in hun eigen potjes, te wachten tot ze na IJsheiligen de grond in mogen. De meeste dagen staan ze in mijn vensterbank, maar op warme dagen mogen ze al even naar buiten. 

In de moestuin ben ik inmiddels ook al druk. Mest heb ik een tijdje geleden al verspreid. Maar nu moet ik heel erg veel onkruid wieden. En dat is altijd een zware klus. Het blijft maar terugkomen. De rabarber is inmiddels verplaatst naar een zonniger plekje en slaat daar alweer aardig aan. Hopelijk kan ik daar dit jaar nog een paar keer van oogsten. En de tuinbonen zitten inmiddels ook al in de grond. Nog even en ik kan weer oogsten.

 

zondag 5 april 2026

Call of Cthulhu XXVII - Comte Fenalik

De soldaten komen weer bijeen. De spanning in Parijs stijgt steeds verder.

Emile Rouzet
Jacob de Rothschild
Marc de Guesclin
Nicholas D'Arcy
Antoine D'Eclaire

De nacht van 2 op 3 juni 1789, Parijs

Op bevel van hun Kapitein begeven de soldaten zich naar de Rue de la Harpe, waar een moord gepleegd zou zijn. Onderweg daarheen, passeren de soldaten een bakkerij, waar een oploopje is ontstaan. Korporal Jacob de Rothschild vindt dat hij in moet grijpen en hij spreekt de woedende burgers aan. Het blijkt dat het meel op is en dat de bakker die dag geen brood zal verkopen aan de burgers aan wie hij normaal verkoopt. Korporaal Jacob zegt de burgers weer vreedzaam weg te gaan, terwijl de soldaten allemaal hun bayonetten op hun geweren zetten. De burgers zijn dan wel boos, maar nog niet zo boos. Zij vertrekken weer. 

Bij de Rue de la Harpe zijn verschillende stadswachten bezig om omstanders weg te houden bij de benedenverdieping van een appartementencomplex. Op een trapje zit een oudere vrouw, met een wit gezicht haar tranen weg te vegen. De benedenverdieping is een werkplaats en daarin huist de drukkerij van Raymond en zijn familie. 
Antoine D'Eclaire en Jacob de Rothschild gaan de werkplaats in en daar treffen zij een gruwelijke horrorscene aan. De werkplaats lijkt zo normaal, met een aantal werkbanken om de te drukken pagina's op te ontwerpen en daarachter twee grote drukpersen. Maar er hangen vier lichamen ondersteboven van de dakbalk, tussen de werkbanken. Het is Reynaud, zijn vrouw Jeanette en hun twee zoons Renard en Thomas. Ze zijn opgehangen en geslacht als varkens! Hun kelen zijn doorgesneden en iemand heeft het bloed opgevangen in emmers, er staan drie lege emmers met restjes bloed in een hoekje! 
Maar de horror wordt nog gruwelijker, er liggen ook stapels pamfletten met de opruiende tekst van "Wat is de derde stand?" Het bloed is gebruikt om er een tekst overheen te drukken. In dikke letters staat er "Ken je plaats!" overheen gedrukt.

Antoine kijkt nog eens goed rond naar de bloedsporen en de moddervoeten, die door de werkplaats hebben gelopen. Verbijsterend genoeg ziet hij alleen maar de sporen van 1 dader. Één man is hier binnengekomen, heeft vier volwassenen gedood, aan hun voeten opgehangen aan de dakbalk, hun kelen doorgesneden, hun bloed verzameld en toen de tijd genomen om een hoop pamfletten te herdrukken. Deze man moet bijzonder sterk en krankzinnig zijn. 
Jacob hoort gepiep en hij kijkt om zich heen. Bij de deur ligt ook de waakhond van de familie, ook gedood. En onder een kast zit een kleine pup, wit met een zwart oor. Hij neemt de puppy met zich mee. 

Buiten doen Marc, Nicholas en Emile ook onderzoek. Zij spreken de vrouw die zit te huilen op een trapje. Zij is Madame Bossat en is de eigenaresse van het complex. Zij verhuurde de beneden verdieping aan Raymond en zijn familie, voor hun drukkerij bedrijf. 
Gisteravond kwam er een koets de straat in gedenderd, en die stopte voor de deur. Een Aristo bonkte toen op haar deur, op zoek naar Raymond. Zij wees hem naar de werkplaats. De Aristo zei haar toen om naar binnen te gaan en de deur dicht te doen, en niet naar buiten te komen, wat er ook gebeurde. En toen kwam er zulk geschreeuw en gebonk uit de werkplaats. En nu! Nu is iedereen dood en het is haar schuld. 
Mme. Bossat kan niet veel meer vertellen. De koets was een witte koets. En toen de man uitstapte, hing er een slappe arm van een jonge vrouw uit de koets. Zou hij nog een slachtoffer hebben gemaakt die nacht? 
Het wordt Marc, Nicholas en Emile koud om het hart. Ook zij zijn eerder deze avond bijna van hun sokken gereden door een Aristo in een witte koets, die een jongedame bij zich had. Was hij op weg naar deze moord-locatie?
Wanneer de soldaten om zich heen kijken, zien zij de sporen in de modder, waar de koets de straat in kwam rijden. In de modder zien zij ook een witte dameszakdoek liggen. Damast, van een rijke dame dus. De initialen zijn M.A. De soldaten vragen zich af van wie de zakdoek kan zijn. 

Eindelijk komt Kapitein Malon ook aan. Hij vraagt Korporaal Jacob de Rothschild om te rapporten. Jacob brengt verslag uit van al zijn zorgen. De omstanders horen dat een Aristo de moord misschien begaan heeft. En de sfeer slaat meteen om. De gezichten worden boos en grimmig, die verdomde Aristo's ook altijd. Kapitein Malon geeft Korporaal Jacob de Rothschild om naar Versailles te gaan. Daar moet hij een formeel rapport indienen en kunnen ze de Aristo waarschijnlijk meteen arresteren. Verder moeten zij deze zaak nu laten rusten, op straffe van straf. 

3 juni, Parijs

Marc laat het er niet bij zitten. Hij blijft met Mme Bossat in gesprek en maakt een schets van de man die zij gezien heeft. 
Nicholas D'Arcy gaat met Antoine en Jacob naar een koetsenmaker en begint vragen te stellen over een witte koets. De voorman van de koetsenwerkplaats wil niet praten met Nicholas. Hij houdt een kletsverhaaltje dat hij dat allemaal niet kan bijhouden. Maar Nicholas heeft door dat er tegen hem gelogen wordt (Psychology succes). 
Jacob laat dat niet op zich zitten en zegt de koetsenmaker dat de eigenaar van de witte Koets nu misschien niet hier is, maar hij wel. En er wordt weer met Bayonetten gemorreld. De man fluisters, wit van doodsangst, dat de witte koets van Comte Fenalik is. Die naam zegt de soldaten niets. Maar de voorman werkt nu de soldaten naar buiten en wanneer ze weer op straat staan, worden de deuren van de werkplaats met een klap dichtgegooid. Comte Fenalik heeft mensen enorm in zijn greep!
Nicholas zoekt nog in de archieven van de Garde of er de laatste tijd meer moorden zijn gepleegd. Maar hij kan niets vinden (Library Use).  

4 juni, op weg naar Versailles

 De soldaten hebben paarden geregeld en vertrekken in de morgen van 4 juni van Parijs naar Versailles. In dit hof buiten Parijs verzamelt alle adel zich, om zich te warmen in de stralen van de Koning. Onderweg kan Jacob de Rothschild zijn  ondergeschikten ook vertellen over Comte Fenalik, deze man is waarschijnlijk de grootste hoerenoper van Frankrijk, en dat wil wat zeggen! Er gaan veel geruchten over hem rond, en niets goeds! Hij is van adel, maar gelukkig geen hoge adel. 
Wanneer de soldaten Parijs verlaten, zien zij hoe moeilijk iedereen het heeft. Bij de muren van Parijs wordt belasting geheven op iedereen die in Parijs iets wil verkopen. Er staan lange rijen met mensen met hun producten, die moeten betalen om Parijs binnen te mogen. En buiten de muren van Parijs zijn alle taveernes, waar alcohol verkocht kan worden, omdat binnen de muren de belastingen op wijn te hoog zijn. 

Versailles



De soldaten gaan verder naar Versailles en het contrast met Parijs kan niet groter zijn. Onder een lentezonnetje strekken de eindeloze tuinen van Versailles zicht uit. Buxushaagjes zijn perfect in vorm geknipt, het gras is overal even kort geknipt. Tuinmannen lopen af en aan om alles te onderhouden, bedienden lopen rond met dienbladen met eten en drinken, terwijl mooie dames en heren over de paden wandelen. In de verte horen de soldaten een orkestje. 

Langs een oprijlaan staan verschillende koetsen geparkeerd, Antoine ziet meteen een witte koets met rode versieringen, die hem twee nachten geleden bijna van de sokken reed. Nicholas ogen worden getrokken door een mooie jongedame, die aan de arm van haar vader loopt, ze heeft korte, blonde krullen en kijkt vol bewondering naar de soldaten in hun knappe uniformen, het is Madamoiselle Melodie Benoît. Maar Nicholas weet met zijn begroeting geen indruk te maken. 
Antoine en Jacob willen de koets verder onderzoeken, maar de koetsier probeert daar een stokje voor te steken. Hij grijpt dreigend naar zijn zweep, om de soldaten een lesje te leren. Jacob is niet onder de indruk: "Sommige mensen vinden zweepjes leuk. Maar niemand vindt leuk wat wij kunnen doen!" (Intimidate hard succes) Ondertussen klikken Antoine, Emile en Marc weer de bayonetten op hun geweren! De koetsier bindt in en de soldaten nemen een kijkje in de koets, waar zij verder niets bijzonders vinden. 

Jacob gaat het paleis binnen en gaat opzoek naar een klerk die hem naar Kapitein Malon kan wijzen. Marc maakt nog van de gelegenheid gebruik om in de papieren te snuffelen om te zien wie van de garde momenteel dienst heeft in Versailles. 
Jacob rapporteert aan Kapitein Malon en aan Lucien Rigault, de hofarts van de Koning. Lucien Rigault is tevreden om te horen dat hij nu eindelijk een middel in handen heeft om zijn rivaal aan het hof uit te schakelen. Maar wanneer Kapitein Malon een bevel aan Jacob wil geven, galmt er een ijselijk gegil door het paleis, dat alleen maar erger wordt. De Soldaten zijn bang dat er iets gruwelijks gaande is, en ze stormen de gang weer op. Daar horen zij al snel het nieuws, Louis de Dauphin, die al langer ziek was, is overleden. Het hele hof is in rep en roer. Vrouwen vallen flauw, mannen kijken bezorgd en het geschreeuw van de rouwende familie galmt door de gangen. 

Comte Fenalik


In deze chaos zien de soldaten ineens Comte Fendalik, die als een wolf door de makke schapen van de hofhouding loopt. Hij loopt recht op de soldaten af en heeft een afgrijselijke grijns op zijn gezicht. Het lukt alleen Marc de Guesclin om zijn blik vast te houden (Opposed POW check). Comte Fenalik spreekt Jacob aan. Jacob is onder de indruk van de roofdierachtige aura van de Comte, maar herpakt zich snel. Hij zegt dat hij een groot bewonderaar is van het werk van de Comte. De Comte negeert dat en zegt dat hij zich afvraagt of het werk van Lucien Rigault met de botten van de doden en de catacomben, misschien heeft gezorgd voor de ziekte van de Dauphin, dat zou toch jammer zijn... En dan vertrekt hij weer, terwijl de leden van de hofhouding van Versailles voor hem uit de weg stroomt. 

De Koning en de Koningin  vertrekken onmiddellijk naar Parijs, om bij hun zoon te zijn en een begrafenis voor te bereiden. En daarmee stroomt bijna geheel Versailles leeg. Iedereen die een koets naar Parijs kan regelen, vertrekt zo snel hij kan. De Soldaten krijgen een nieuwe opdracht van een vermoeide Kapitein Malon. Nu zal hij niet meer prive de Koning en de Koningin kunnen spreken over de verdenkingen tegen Comte Fenalik. Ze zullen nu echt met hard bewijs moeten komen. De Soldaten moeten naar Poissy, waar Fenalik een landgoed heeft. Daar moeten zij bewijs verzamelen dat hij misdaden pleegt. 

Wanneer de soldaten weer buiten staan, zien zij een voor een de koetsen vertrekken. Marc ziet Madame de Brienne kletsen met Melodie Benoît. Hij weet hoe eenzaam het leven van getrouwde vrouwen kan zijn. Hij grijpt zijn kans om een afspraakje te regelen voor hemzelf en Nicholas met Mme. de Brienne en Melodie. 
Ondertussen realiseren Antoine en Emile zich dat zij Melodie eerder hebben gezien, in een droom. Ook de pup was in die droom uitgegroeid tot een grote hond. Waar hebben ze precies van gedroomd? Was het de toekomst? Wat zal hen te wachten staan?

5 juni, naar Poissy

De Soldaten hebben de tijd genomen om terug te gaan naar Parijs en meer soldaten te verzamelen, samen met flink wat wapens. Wanneer zij Comte Fenalik in zijn eigen landhuis willen benaderen, willen ze goed beslagen ten ijs komen. 
De reis naar Poissy is niet lang, en gaat langs een bekende route. Toch krijgen de soldaten een ongemakkelijk gevoeld. Ondanks dat het late lente is, zijn de schaduwen wel erg koud en donker op de weg naar Poissy. De medereizigers die zij tegenkomen zijn ook allemaal schichtig en bangig. Eenmaal in Poissy aangekomen, is de situatie alleen maar vreemder. Aan het einde van de middag roepen moeders hun kinderen binnen. Met het vallen van de avond gaan ook alle deuren en luiken dicht. Zelfs van de lokale Auberge zijn de deuren dicht. Maar na wat bonken, doet de herbergier toch open. Hij laat de soldaten binnen en zorgt dat zij allemaal een tafel en een maaltijd krijgen. 
Jacob en Marc proberen de herbergier aan het praten te krijgen, over Comte Fenalik (Psychology hard succes), maar de man wil niets loslaten over de lokale Comte. Wanneer Emile ook nog een duit in het zakje doet, vlucht de man zijn keuken in en komt de rest van de avond niet meer tevoorschijn. De soldaten vinden het maar een vreemde zaak. Ze besluiten om de volgende dag, bij daglicht naar het landgoed van de Comte te gaan.  

dinsdag 31 maart 2026

Season of the Witch

Een tijdje geleden heb ik weer een goedkope film op de kop getikt, Season of the Witch (2011) van Dominic Sena. In de belangrijkste rollen zien we Nicolas Cage (The Color out of Space, Renfield), Ron Perlman (Alien: Resurrection, Nightmare Alley) en Claire Foy (The Electrical Life of Louis Wain). Verder zien we ook nog heel even Christopher Lee (Curse of the Crimson Altar, The Gorgon) voorbij komen. 


Spoilers

De film begint met het ophangen en daarna verdrinken van drie vrouwen, omdat zij heksen zouden zijn. Een priester leest voor uit een van de versies van de Sleutel van Salomon, om ervoor te zorgen dat zij niet zullen herrijzen. Maar hij is te laat en een van de heksen herrijst toch, en doodt hem. 

Dan gaan we door naar het Midden Oosten, waar kruisvaarders strijd leveren in een van de eindeloze kruistochten aldaar. Kruisvaarders Behmen (Cage) en Felson (Perlman) geloven niet zo diep meer in de wil van God, maar Kruisvaarder zijn, is iets waarze goed in zijn. Totdat bij de inname van Smyrna er wel erg veel onschuldige burgerslachtoffers moeten worden gedood. Behmen en Felson besluiten te deserteren en terug naar huis te gaan, in Oostenrijk. 

Wanneer Behmen en Felson door de Alpen trekken, zien zij dat de pest gruwelijk om zich heen grijpt. Overal gaan mensen dood. Dan worden zij in een dorpje herkend als gedeserteerde kruisvaarders. Ze worden prompt gearresteerd en naar een lokale Kardinaal gebracht (Lee). Ook deze is stervende aan de pest. Maar hij heeft een meisje (Foy) in zijn kerkers. Zij is een heks en een bron van de pest. Zij moet haar gerechte straf ondergaan in het klooster van Savarac. En als Behmen en Felson haar kunnen brengen, zullen zij ook vergeven worden voor hun desertie. 

Samen met priester Debelzaq (Campbell Moore), gids Hagamar (Graham) en soldaat Johan (Thomsen) en altaarjongen Kay (Sheehan) gaat de groep op weg met de heks. Onderweg lijkt de heks niet meer te zijn dan een wat ongelukkig meisje, dat op het verkeerde moment op de verkeerde plek was. Aan de andere kant lijkt ze ook een connectie te hebben met de wolven die de groep steeds lastig vallen. 

Eenmaal aangekomen bij het klooster van Severac blijkt dat alle monniken dood zijn! Ook zij zijn gevallen door de pest. Wanneer Debelzaq dan zelf maar besluit om de heks met een ritueel uit te schakelen, blijkt dat het ritueel niet werkt. Het meisje is helemaal geen heks, maar juist een slachtoffer van demonische bezetenheid! In een afschuwelijke strijd probeert iedereen deze demon uit te schakelen, anders zou de wereld wel eens kunnen vergaan als gevolg van de demonische invloed!

Conclusie

Dit is echt geen beste film. Het wil een soort moderne The Seventh Seal zijn, met gedesillusioneerde kruisridders die terug naar huis willen en dat steeds maar niet kunnen. En steeds maar weer geconfronteerd worden met ziekte, dood en corrupte mensen. Maar het verhaal en de acteurs zijn gewoon minder goed. 
De enige spookachtige scene was dan nog het moment wanneer iedereen uitgeput het klooster van Savarac binnenloopt, hopend op een einde van hun reis, en zich realiseren dat alle monniken in het klooster zijn gestorven aan de pest, terwijl zij aan het werk waren. 
Een moderne film, die keurig past in het rijtje The Devil Rides Out, To the Devil a Daughter en The Monk. Niet heel best, wel amusant. 

maandag 30 maart 2026

Cyrano

Jaren geleden zag ik eens de film Cyrano de Bergerac, die mijn meisjeshart sneller deed kloppen. En vorig jaar zag ik met Sander een opvoering van Guards Guards! van het English Theater Utrecht. Dus toen ik een tijdje geleden zag dat ze een opvoering van Cyrano zouden geven, heb ik daar natuurlijk mijn man (en vriend D) heen gesleept. 

De poster

Het verhaal is inmiddels wel bekend. Cyrano de Bergerac is een Fransman met een enorme neus. Iedereen wil hem daarmee pesten, maar hij is zo een goed zwaardvechter, dat na verloop van tijd niemand dat meer durft. En Cyrano lijkt het allemaal wel voor elkaar te hebben, maar in stilte is hij verliefd op zijn nicht Roxane. Dat kan hij haar natuurlijk nooit vertellen, want een mooi meiske als Roxane zou nooit een affaire beginnen met een lelijke man als hij. Eigenlijk is al zijn branie niets meer dan een manier om zijn intense onzekerheid te verhullen. 
Dan wordt Roxane verliefd op Christian, een collega in de legereenheid van Cyrano. En zij vraagt haar beste neef om een oogje op haar geliefde te houden, op het gevaarlijk slagveld. En dan vraagt Christian aan Cyrano om tips om een intelligente vrouw als Roxane te versieren. Er ontstaat een ingewikkelde driehoeksverhouding, die natuurlijk alleen maar in tranen kan eindigen. 

Net als Guards Guards! brachten de spelers van ETU het verhaal weer leuk tot leven. Iedereen kreeg even de kans om te schitteren in dit toneelstuk.