Bieslook

Bieslook

Translate

woensdag 24 juli 2013

Pendragon VI - Op zoek naar Vrouwe Lore

Pendragon is weer terug. Na even een klein hiaat wegens mijn vakantie, zijn we weer verder gegaan. In het jaar 488 is eerst Bayeux in de as gelegd en nu zal er nog een familie-avontuur plaatsvinden in de nazomer van 488 A. D.

Historisch overzicht
Bledri van Winterbourne Gunnet
Bradwen de Moedige
Eliot van Burcombe
Gilmere van Tisbury
Grigor de Geweldenaar
Marcus Livius van Broughton (Niet aanwezig)

Juni 488 Anno Domini, Salisbury

Na een succesvolle campagne onder leiding van Prins Madoc zijn de ridders weer terug in Salisbury. Sir Gilmere wil nu werk maken van de verdwijning van zijn moeder in de winter van het jaar 487. Hij vraagt aan zijn vrienden Sir Bledri, Sir Bradwen, Sir Eliot en Sir Grigor of zij zin hebben om met hem naar het Kasteel van Vagon te gaan en daar aan Sir Elad van Vagon te vragen wat er gebeurd is met zijn moeder. De andere ridders staan hun vriend graag bij, bovendien is het mooi weer en hebben de paarden een uitje nodig. Vagon is niet ver weg. 

Het kasteel van Vagon ligt aan de rand van het woud van Modron en Sir Elad beheert niet alleen het land van Vagon maar is ook Maarschalk van Sir Roderick en daarmee verantwoordelijk voor militaire zaken die geheel Salisbury aangaan. Het kasteel van Vagon is dan ook groot en indrukwekkend, een versterkt Motte-kasteel. Het is grotendeels opgetrokken uit steen en de voorburcht was groot en indrukwekkend. Wanneer de ridders later groot zijn, willen zij ook heersen vanuit zo een modern kasteel.

Sir Gilmere van Tisbury krijgt vrij eenvoudig een onderhoud met Sir Elad van Vagon. Sir Elad vertelt hem dat vorig jaar Vrouwe Lore is verdwenen in het Modron woud, dat begint voorbij de grens van Vagon en waarover altijd al vreemde verhalen de ronde doen. Men denkt dat er Elfen wonen, de meeste mensen vermijden het woud of volgen alleen de weg naar Bath. De laatste jaren zijn er wel meer meisjes verdwenen, maar men dacht dat zij te pakken genomen waren door zwervende Saksen, wilde dieren of waren weggelopen. Vrouwe Lore is de eerste verdwenen edeldame en daarmee zijn andere verdwijningen ineens ook verdacht (Sir Elad heeft dan wel een groots militair inzicht, maar van Stewardship heeft hij weinig kaas gegeten).
In het begin van dit jaar is Sir Floridas zijn vrouw gaan zoeken in dit woud en ook hij keerde niet terug. Sir Elad wilde als Sir Gilmere vragen om te komen en is blij dat Sir Gilmere nu uit zichzelf naar Vagon is gekomen om zijn moeder te zoeken.
Sir Gilmere vraagt nog of Sir Elad advies heeft voor het vinden van vrouwe Lore. Sir Elad antwoord dat de Elfen graag en vorm van magie gebruiken, Glamour. Om dat te kunnen doorbreken kunnen de ridders een soort tegenmagie gebruiken, bijvoorbeeld een steen met een gat erin. Dan kan de glamour van de Elfen geen stand houden.
Sir Gilmere spreekt daarna ook nog met oude vrouwtjes in het dorp bij Kasteel Vagon (folklore check) en zij vertellen dat ook flink dronken zijn kan helpen tegen de invloed van de Elfen. Sir Eliot gaat meteen in een nabijgelegen beek stenen zoeken voor de ridders. Hij vindt vijf stenen en geeft die aan zijn vrienden.
Sir Bradwen doet ook onderzoek naar de verdwenen vrouwe Lore. Hij spreekt met verschillende mensen in het dorp en in de gehuchten rondom Vagon en hij komt erachter dat er veel meer jonge vrouwen verdwenen zijn dat Sir Elad denkt en dat dit fenomeen al veel langer gaande is dan hij denkt. Alle andere verdwenen vrouwen zijn in de leeftijd van 13,5 tot ongeveer 16,5 jaar. Vrouwe Lore is de enige van boven de 30 en ook de enige edeldame. Bovendien verdwijnt er ook jong vee.
Sir Bradwen besluit om Sir Gilmere in te lichten over zijn bevindingen. Sir Bradwen denkt dat er een Elfenprins is, die slaven nodig heeft om meer (half)elfenkinderen bij te maken, aangezien de Elfen uitsterven. Vrouwe Lore zal de rol van vroedvrouw en surrogaat moeder verzorgen voor de jonge vrouwen en hun kinderen (Fairie Lore fail). Sir Gilmere antwoord dat ze dan beter Vrouwe Bertilia, de moeder van Sir Bradwen hadden kunnen ontvoeren, want dat is wel een vrouw die haar kinderen onder de plak houdt. Sir Bradwen interpreteert dit weer als een belediging aan het adres van zijn moeder. Hij daagt Sir Gilmere die avond uit tot een schaakspel om de belediging recht te zetten.
Sir Bradwen laat zich inspireren door zijn Passion Love Family (15), maar de familie van Sir Gilmere is altijd al goed geweest in het spelen van spellen (family trait clever). Sir Gilmere wint deze uitdaging, waarmee eens te meer bewezen is dat Vrouwe Bertilia van Steeple Langford de scepter zwaait over haar kinderen.

Terwijl Sir Bradwen en Sir Gilmere strijden om de eer van Vrouwe Bertilia, besluiten Sir Eliot en Sir Bledri om het advies van de oude vrouwtjes op te volgen. Ze worden eerst heel dronken en gaan dan, nadat de nacht gevallen is, op weg om Vrouwe Lore en Sir Floridas te vinden (indulgent succes). In de stallen aangekomen pakken ze de beste paarden die ze kunnen vinden, die van Sir Elad. Uiteraard worden ze gezien door de wachters van Sir Elad, die meteen Sir Elad inlichten. Hij besluit dat de ridders zo dronken zijn, dat zij wel snel van de paarden zullen vallen, daarna zullen de paarden terugkeren naar hun stal. Morgenochtend zullen zij te vinden zijn in de buurt van het kasteel. Hij zal nu in het donker geen mannen uitsturen om verdwaald of gewond te raken, alleen om twee paarden te vinden.
Sir Bradwen en Sir Grigor willen wel hun vrienden zoeken in het donker. Sir Gilmere houdt zijn vrienden dan wel gezelschap. In het donkere rijden zij achter het geluid van schunnige liedjes over elfenmeisjes aan. Uiteindelijk zullen zij Sir Bledri en Sir Eliot wel vinden.

In het donkere woud van Modron vinden de ridders Bledri en Eliot niets bijzonders (Awareness fail). Plotseling voelen zij een stekende pijn in hun schouder, maar deze pijn is snel wel over en zij rijden door. (Elfenschot, gejat uit Faerie Tale van R. E. Feist)
In het donkere woud van Modron vinden de ridders Bradwen, Gilmere en Grigor ook niets bijzonders (Awareness fail) tot zij bij een kruising komen. Daar hangt een smerige lucht van rotting en vinden zij een mensenhoofd hoog op een staak geplaatst. Onder de staak ligt een wapenrustig. Gezien het blazoen op het schild, vermoeden zij dat het het hoofd van Sir Floridas is. Verder dan dit is hij niet gekomen in de zoektocht naar zijn vrouw, Lore. De ridders nemen het hoofd en wapenrusting mee, zodat dat begraven kan worden.
Bradwen weet dat het hoofd op de staak niets anders kan zijn dan een dreigement aan de ridders, tot hier en niet verder is de boodschap. Vrouwe Lore moet verderop in het woud zijn (Faerie Lore Crit).

Verderop in het bos barst een hoop gekrakeel los. De ridders horen de stemmen van Sir Bledri en Sir Eliot en het geschreeuw van een kat. Zij rennen naar het geluid en zien dat Sir Bledri op de grond ligt en Sir Eliot claimt dat hij gevochten heeft met een Panter. Nu keert de hele groep terug naar het Kasteel Vagon. Sir Gilmere vraagt meteen, ook al is het midden in de nacht, een onderhoud met Sir Elad. Hij vertelt een slaperige Sir Elad dat zij het hoofd van Sir Floridas gevonden hebben en dat zij ook de twee beste paarden van Sir Elad hebben teruggebracht naar Kasteel Vagon. Sir Bradwen voegt daaraan toe dat Sir Floridas moest dienen als een voorbeeld. Hier is geen Elfenprins actief, maar een of ander gruwelijk monster. Er zijn ook veel meer ontvoeringen van jonge dames.

Sir Grigor vraagt zich af waarom Sir Elad dit allemaal niet zelf ontdekt heeft. Een lage score op de stewardship en Faerie Lore kan voor een hoop problemen zorgen.
Sir Grigor probeert een dronken Sir Bledri naar bed te brengen. Door de drank is Sir Bledri zeer amoreus geworden dringt zich op aan Sir Grigor (lustful check) en Sir Grigor kan zich niet verdedigen en zal moeten meewerken aan het onvermijdelijke.

Sir Bledri en Sir Eliot worden wakker met hoofdpijn, een pijnlijke schouder (en 5 Hitpoints minder) en weinig herinneringen aan de vorige avond.

Iedereen gaat de volgende dag weer het woud in, dit keer willen zij het monster vinden dat zowel vrouwe Lore heeft ontvoert, als een hoop andere vrouwen en vee en ook nog eens Sir Floridas heeft vermoord. De groep reist door het woud en passeert het kruispunt waar het hoofd van Sir Floridas stond. Dan reizen zij door en komen bij een open plek in het woud, waar zij worden aangevallen door een drietal Wyverns. Sir Bradwen vindt het zijn eer te na om zich in de pan te laten hakken door deze vliegende wormen (inspiration passion honor succes). Maar wanneer hij een vliegende Wyvern ontdoet van zijn ingewanden, valt er bloed en darmen op de paarden. Deze raken daardoor zeer van streek en het paard van Grigor gaat er vandoor en breekt zijn been wanneer het in een konijnehol trapt (horsemanship fail). Het paard zal afgemaakt moeten worden. Sir Grigor heeft geen geluk met zijn paarden.
Even later zijn de twee andere Wyverns ook gedood.

De groep reist verder en komt bij een andere open plek, waar een grote toren staat van wit marmer. Buiten de toren zijn een paar weilandjes en akkertjes. Een meisje hoedt een paar gansjes. Sir Eliot en Sir Bledri stormen op haar af en proberen meteen hun leepste knipoogjes op haar. Zij wordt heel bang van hen. Sir Bradwen ontzet haar. Het meisje valt huilend op haar knieën en smeekt Bradwen om haar te redden van het monster dat in de toren woont. In de toren woont Sir Arboghast de Oger. Hij ontvoert vrouwen en dwingt hen om hem op allerlei manieren te bedienen.

Wanneer Sir Bledri hoort van deze perversie, begint zijn bloed te koken van woede. Hij probeert de deur van de toren in te rammen met zijn hoofd, terwijl hij schuimbekkend om Sir Arboghast roept (passion honor succes). Eenmaal in de toren, staat de groep ridders op de benedenverdieping. Hier is een ontvangsthal met een trap naar boven, een eenvoudige keuken en wat voorraden. Op de trap staat een enorme reus. Hij komt naar beneden met een knuppel in zijn hand. Sir Bledri rent de trap op en houwt met zijn zwaard naar het been van zijn tegenstander. De reus raakt vreselijk gewond, maar kan blijven staan. De reus en Bledri vechten verder maar zijn niet in staat om elkaar schade te doen. Sir Eliot, Bradwen Gilmere en Grigor blijven op de grond staan en prikken met hun lansen naar de enkels van de reus, waardoor die op een gegeven moment van de trap valt.
De ridders blijven op hem inslaan, maar weten weinig schade aan te richten. Ook Bradwen stort zich van de trap, maar landt ongelukkig op een tafel (dex fail). De reus weet op te staan en smakt Sir Bledri tegen de muur. Sir Grigor gooit een kokend hete stoofschotel over de reus heen. Uiteindelijk weten de ridders de reus te doden.

Een groep van 12 zeer getraumatiseerde meisjes en vrouwe Lore zijn zeer dankbaar dat zij gered zijn door Sir Gilmere en zijn vrienden. De ridders hakken het hoofd van Sir Arboghast af om mee te nemen als trofee. Dan gaan zij op zoek naar andere manieren om winst te maken van dit avontuur. Zij vinden een beperkte hoeveelheid goud, verder is er nog een kleine kudde koeien en een kleine groep ganzen. Sir Gilmere en Sir Eliot nemen goud ter waarde van L1,-. Sir Bradwen en Sir Grigor nemen een koe van de kudde mee (een Elfenkoe) en Sir Bledri kiest ervoor om een gans mee te nemen (Stewardship critical, het is een Gans die Gouden eieren legt, een idee gejat van +David Larkins ).
Wanneer de groep vertrekt en nog eens omkijken naar de toren van Sir Arboghast, zien zij dat het niet meer is dan een boomstronk op een heuvel, met wat armetierige grassen eromheen. Dat is de waarde van de Elfenglamour.

In triomf keert de groep terug naar kasteel Vagon.

Winterphase 488/ 489

Deze winterphase brengen de ridders weer door met Sir Roderick in Sarum. Ook Sir Roderick blijkt niet tevreden te zijn met de manier waarop Prins Madoc is omgegaan met Preator Sygrius in Bayeux. 

Sir Bledri trouwt met Tiffany, het ganzenhoedstertje dat hij heeft gered uit de gevangenschap van Sir Arboghast. Zij is 14 jaar oud en flink getraumatiseerd, maar de charmes van Sir Bledri weten haar te ontdooien. Zij blijkt de vierde dochter te zijn van een vooraanstaand burger uit Vagon en neemt L3,- mee als bruidsschat (waarschijnlijk is haar vader zo trots dat zijn verloren dochter een edelman huwt, dat hij haar al het spaargeld van de familie meegeeft. Zijn kleinzonen zullen edelmannen zijn!).
Iedereen ziet dit als een zeer nobele daad, aangezien iedereen natuurlijk ook wel weet dat Sir Arboghast ook zijn vuige lusten botvierde op zijn slavinnen. (Romance check)
De broer van Sir Bledri, Sir Bellias, krijgt een kind. 

Sir Bradwen heeft een goede oogst en is dit jaar een rijk ridder. Zijn vrouw Kayleigh bevalt ban een tweeling, twee jongens! Sir Bradwen noemt hen Benno (naar zijn favoriete oom) en Bertus (naar zijn moeder). Maar ook kent hij tragedie, zijn moeder Vrouwe Bertilia, verdwijnt ook mysterieus. 

Sir Grigor krijgt dit jaar ook een kind, bij zijn vrouw Berta, een meisje. Hij noemt haar Gwenda, naar zijn zuster die in 487 is overleden. Ook krijgt een neef van Sir Grigor een kind, Grigor heeft weinig contact met de broers en zussen van zijn moeder, Bene en van hun familieperikelen weet hij niets. 

Sir Eliot krijgt te maken met een schandaal. Zijn moeder Alis van Burcombe heeft Sir Roderick beledigd (True rumour, scandal, insult lord). Zij deed dit door publiekelijk te zeggen dat het kind dat zij vorig jaar baarde van hem is. Dit is een uitspraak die zeker nog een staartje zal krijgen. (Grappig genoeg had ik al bedacht dat de relatie tussen Sir Roderick en zijn Vrouwe Ellen erg slecht zou zijn. Nu weten we waarom.)

  

dinsdag 23 juli 2013

Dief in Bagdad

Zoals jullie weten kijk ik graag film en een bron van gekke oude films is natuurlijk vriend +Daniel. Dit keer had hij in het kader van een Al-Qadim rollenspel de film The Thief of Bagdad meegenomen.

The Thief of Bagdad
Wees onder de indruk van de glimlach

Dit is een stomme film uit 1924, waarin Douglas Fairbanks als Thief of Bagdad een leven voor misdaad en corruptie leidt. Hij besteelt alles en iedereen en toont totale minachting voor de Moskee en de goede Imam die daar leiding geeft aan zijn kudde. Dan probeert hij de prinses van Bagdad te bestelen. Hij raakt onder de indruk van haar schoonheid en goedheid en probeert haar voor zich te winnen (hij steelt een slipper, creepy). Het komt goed uit dat net op dat moment de prinses een echtgenoot moet kiezen.
Met gestolen kleding, sieraden en paarden doet hij zich voor als een verre prins en dingt naar haar hand. Aangezien alle andere prinsen eng, dik (gespeeld door een vrouw!) of Mongools zijn, kiest de prinses voor de dief Ahmed. Maar zijn bedrog wordt natuurlijk ontdekt en onthuld. Hij wordt zwaar gestraft en uit het paleis gegooid. De prinses moet een andere man kiezen. Zij vraagt om 7 maanden uitstel en zal dan trouwen met de man die haar het mooiste geschenk kan brengen. 
De drie overgebleven prinsen gaan allemaal op weg om een schat voor de prinses te vinden. Alleen de Mongoolse prins is handig genoeg om de andere prinsen in de gaten te houden. Ahmed komt inmiddels tot inkeer en met behulp van de Imam die hij eerder nog belachelijk maakte gaat hij op weg om ook een schat te vinden voor de prinses. Deze reis wordt er deels ook een van spirituele groei, waarbij hij zijn oude, diefachtige wegen achter zich laat.  
Wanneer de andere drie prinsen hun schatten hebben gevonden (een vliegend tapijt, een kristallen bol en een genezende appel), zien zij in de kristallen bol van de Indiase prins, dat de prinses vergiftigd is (door de handlangers van de Mongoolse prins). Met het tapijt van de Perzische prins vliegen zij naar Bagdad en met de appel van de Mongoolse prins redden zij haar. Terwijl er ruzie ontstaat over wie het belangrijkste cadeau had en dus met de prinses mag trouwen, valt het leger van de Mongoolse prins Bagdad aan en neemt het in. 
Maar gelukkig keert Ahmed terug met zijn schatten. Een doos met toverpoeder, dat je geeft wat je maar nodig hebt en een mantel der onzichtbaarheid. Met het toverpoeder maakt hij een enorm leger dat Bagdad weer herovert op de Mongoolse horde. Als dank krijgt hij de hand van de prinses. 

Het was een leuke film om te zien en het is goed te zien dat er veel moeite is gestopt in het maken van een goede film. Er is aandacht besteed aan de sets, de massa-scenes en de special effects. Ook is goed te zien hoe Douglas Fairbanks een achtergrond heeft als athleet.

Het verstoppen van de Mongoolse horde van 20.000 man in Bagdad, zonder dat men het merkte is nog redelijk waarschijnlijk te noemen. Op haar culturele hoogtepunt had Bagdad 1,2 miljoen inwoners. Kort daana werd de stad inderdaad aangevallen en grotendeels verwoest door Mongoolse horden. 

Een ander fenomeen dat naar voren kwam in de film, was het oriëntalisme. Er is een periode geweest dat Westerse kunstenaars gefascineerd waren door het Midden Oosten. Er is toen ook veel kunst geproduceerd die afbeeldingen waren van het leven in de harem. Vrouwen en prinsessen werden daarbij bijna altijd liggend of slapend afgebeeld, in hangende (halfnaakte, uiteraard) poses, waaruit totale lamlendigheid sprak. Oosterse prinsessen deden niets en konden niets en maakten altijd een slaperige of gedrogeerde indruk. Ook in deze film (hoewel het hoogtepunt van het Oriëntalisme allang weer voorbij is in 1924) is de prinses van Bagdad meer dan de helft van de tijd in slaap, flauwgevallen of op sterven na dood. 


Een leuke film om eens te zien en hoort echt bij onze culturele opvoeding.

maandag 22 juli 2013

Aapjes kijken

Sander en Francis als doodshoofdaapje

Nog is de vakantie niet voorbij. We zijn met de kids nog naar de Apenheul in Apeldoorn geweest. Ik ben er jaren geleden eens geweest met een schoolreisje en ik vond het toen erg leuk. Met de kids gaan we ook regelmatig naar een dierentuin en dat vinden ze ook enig. En nu dan naar een dierentuin waar de beestjes nog los rondlopen ook. Helaas waren we het fototoestel vergeten en moeten we het dus doen met wat minder foto's.

Jennifer en Elvira als doodshoofdaapje

De apenheul was wel flink verbouwd sinds ik het voor het laatst zag. Ik kreeg de indruk dat het allemaal wat moderner en ruimer opgezet was. En dat er wat meer ruimte was voor de apen en dat hun habitats wat natuurlijker werden nagebootst. De charme van het rondlopen tussen de kleine doodshoofdaapjes was gebleven. Die hadden het reuze naar hun zin met alle bomen, mensen en aandacht.
we waren ook aanwezig bij het voederen van de verschillende halfapen van Madagascar.
Ook was er veel ruimte voor de kids om te spelen. Er waren verschillende uitdagende speeltuinen voor groot en klein en overal picknickruimten waar ook weer eten werd verkocht.

Uiteindelijk hebben we er een flink deel van de dag doorgebracht. Tegen 18:00 waren we pas weer thuis en toen hadden we alleen nog zin om wat pannenkoeken te eten. Het is echt een lekkere luiervakantie.

zondag 21 juli 2013

Monster Universiteit

Na de vakantie in Normandië hebben we ook nog met de kids een weekje vakantie thuis gevierd. In huis moeten altijd nog honderduizend klusjes gebeuren (het oogsten en verwerken van de opbrengst uit de moestuin bijvoorbeeld), waarvoor je in het dagelijks leven nooit de tijd hebt. Maar we deden natuurlijk ook leuke dingen. Zo zijn we met de kids naar de film geweest, Monsters University, in de Cinetwins.

Monsters Universiteit

Deze film is een prequel voor de film Monsters Inc, die al in 2001 uitkwam. In deze film worden de avonturen van Mike Wazowski (de groene oogbol) en James P. Sullivan (het blauw-paarse monster) gevolgd op de universiteit, waar zij heen gaan, voor zij bij het bedrijf Monsters Inc. aan de slag kunnen als Schrikkers. 
In Brugge hadden we al onze Studentenkaart laten maken. 
Wederom een van de betere films van Pixar, zeker een stuk beter dan Cars 2. Aardig (maar enigszins voorspelbaar) verhaal, leuke grappen en prachtige animatie. En er wordt ook wat achtergrond gegeven bij het verhaal van Monsters Inc. Het is wel zaak om eerst Monsters Inc te bekijken en daarna pas deze film. 


En Sander wilde ook naar Monsters University
Een aanrader.

zaterdag 20 juli 2013

Vakantie in Normandië - Cherbourg

Cité de la Mer
De laatste dag van de vakantie in Normandië zijn we nog naar Cherbourg gegaan. Een wat grotere stad helemaal op het uiteinde van het schiereiland. Daar wilden we het museum Cité de la Mer bezoeken. Dat is een museum over de scheepvaart en er was een hoop interessants te zien.

Het begon al met het gebouw zelf. Het museum is gehuisvest in de oude cruise-terminal van Cherbourg (nog steeds gaan er van Cherbourg ferry-boten naar Groot-Brittannië), opgetrokken in de Art Deco stijl. En hoewel de toegangsprijs behoorlijk prijzig is, kan je je er ook een dag lang vermaken. Wat ook erg leuk is, is dat een deel van de tentoonstelling al te zien is, voordat je je kaartje koopt. In de ontvangsthal stonden veel verschillende duikmachines en mini-onderzeeboten tentoongesteld voor het publiek.

Francis en Elvira bij een onderzeeër voor 3 personen. 
En ik met de kids bij een andere onderzeeër voor 2 personen.
Het museum gaat over de manier waarop de mens in de loop der tijd heeft geprobeerd om de zeeën te ontdekken. Daarvoor zijn er vier tentoonstellingen. Het hoofdgedeelte gaat over allerlei machines die ontworpen zijn om onder water te kunnen reizen. Hierbij werden allerlei apparaten tentoongesteld, van ouderwetse duikersklokken en duikpakken tot hyper-moderne onderzeeërtjes voor onderzoek in de diepste zeeën. na verloop van tijd begon mijn claustrofobie vreselijk op te spelen.

De kids vonden het juist enig om in allerlei Bathyscafen en -sferen te spelen.
Daarbij hoort ook een flink stuk over het leven onderwater, met de verschillende soorten vissen op verschillende diepten en veel informatie over het ontstaan van bergen en dalen onder water. Dit was voor onze kids nog wat al te wetenschappelijk, maar de enge vissen, geraamten en schelpen vonden ze wel erg mooi. 

Ook was er nog een modern, interactief stuk aan het museum, waarbij we in groepjes door een gedeelte van het museum geleid werden. Hierbij werden wij voorgesteld als een stel nieuwe helden, die opnieuw de bodem van de zee zouden gaan ontdekken. We kregen filmpjes te zien en zaten uiteindelijk in een naamk Bathyscaaf, die heen en weer stuiterde, terwijl we keken naar een film over een spannende reis onder water. Vooral leuk voor de kinderen. 
 
Het pronkstuk van het museum is echter de tentoongestelde onderzeeër Redoutable, de grootste onderzeeër die is opgensteld voor het publiek ter wereld. Deze onderzeeër begon haar leven als een militaire onderzeeër die raketten af kon schieten, ook nucleaire (de koude oorlog he?). Na het werkzame leven van de Redoutable, werd zij omgebouwd tot een museum. Sander is er in geweest met Francis en ik bleef achter met Elvira die nog te klein was om mee te mogen.

De Redoutable is echt heel groot.
Heel erg groot


En van binnen best indrukwekkend.

Er was ook nog een gedeelte over de Titanic, maar dat bezochten wij aan het einde van de dag, toen we allemaal al behoorlijk moe begonnen te worden. Dus dat maakte weinig indruk meer. De Titanic deed Cherbourg nog aan, voor zij aan haar fatale reis naar New York begon. En in Cherbourg hadden ze een tentoonstelling gemaakt over deze eerste en laatste reis van de Titanic, met vooral veel aandacht voor de verschillen tussen rijk en arm aan boord. Schepen als de Titanic en andere lijndiensten naar de V.S. Aan de ene kant waren er veel arme migranten die naar de V.S. wilden. Aan de andere kant waren er ook veel rijken die iets van de wereld wilden zien. Dus er werden steeds grotere schepen gebouwd, die steeds luxer werden uitgevoerd, voor de rijken. Maar de armen waren met zovelen dat zij eigenlijk de winst opleverden voor de lijndiensten, en zij werden in kleine kamertjes onder in het schip gestopt. Dit was ook terug te zien in de sterftecijfers van de Titanic, de armen stierven het vaakst.    

Wij zijn in Cité de la Mer een lange tijd druk geweest en het was het geld meer dan waard. Ik heb ervan genoten en een hoop geleerd. Onderzeeërs in welke vorm dan ook zijn niets voor mij. 





vrijdag 19 juli 2013

Vakantie in Normandië - Utah Beach

Kijk, we waren er echt.
Na ons tripje naar Pointe du Hoc zijn we een paar dagen later ook nog naar Utah Beach gegaan. Dat was natuurlijk één van de landingsplaatsen van waaruit de invasie van Normandië begon in 1944. Er is daar een museum, het Musée du Débarquement Utah Beach. Het is niet heel groot maar wel erg specifiek voor de landing op Utah Beach. Daarmee is er wel ruimte voor allerlei persoonlijke verhalen van degenen die op Utah Beach waren en daardoor is het een erg indrukwekkend museum.

Bijbels werken echt, maar alleen wanneer de kogel eerst op je geweer stuitert.
Verder wordt er veel oorlogstuig tentoongesteld dat werkelijk tijdens de landing op Utah Beach gebruikt is. Ook was er veel informatie en spullen over de Normandië tijdens de Duitse bezetting en de manier waarop de lokale Franse bevolking de Geallieerden van dienst was. Hierdoor was het museum vooral voor de kinderen meteen wat aansprekender. Zoals een gerestaureerde B 26 Marauder, de Dinah Might, die de laatste vlucht over Utah Beach deed om de Duits posities te bombarderen, vlak voor de landing plaats zou vinden. De echte Dinah Might is verloren gegaan later in WO II, maar er staat een andere B26 Maruader tentoongesteld, de kleuren van de Dinah Might.

Francis bij de replica van de bommenwerper Dinah Might
Hier kregen wij de griezels van. Een tand-behandeling op het slagveld van een Duitse tandarts. Er zat ook een primitief soort boormachine bij.

Duitse tandarts-fieldkit, met tandartsboor.
Toch kreeg ik na verloop van tijd ook een beetje de kriebels van het museum. Er werd wel erg sterk de nadruk gevestigd op de heroïsche daden van de Amerikaanse troepen, die al hun offers brachten in de naam van een vrije wereld, puur gemotiveerd door hun nobele inborst. Het zal de berichtgeving zijn rond Edward Snowden zijn, waaruit duidelijk wordt dat de V.S. werkelijk alles en iedereen ter wereld in de gaten houden, waardoor het wat wrang overkomt. In naam om ons allen te beschermen tegen terrorisme wordt de wereld steeds minder vrij. Overheden houden niet alleen hun eigen burgers in de gaten maar ook de burgers van andere overheden. En zoals nu uit berichtgeving over Brazilië blijkt, zijn er waarschijnlijk wel andere motieven te verzinnen dan alleen bescherming van de wereld tegen terrorisme. Niet om iets af te doen aan de dapperheid van de mensen die betrokken waren bij de landing, maar de tentoonstelling begon af en toe op propaganda te lijken. 

Eenmaal thuis (en tikkend aan dit blog) kwam ik erachter dat het museum vrij recent nog flink is opgeknapt door twee zoons van de man die de Dinah Might op de laatste vlucht over Utah Beach vloog, Colonel David Dewhurst. Zijn zoons zijn David Dewhurst Jr. en Gene Dewhurst. David Dewhurst Jr. is momenteel de Lieutenant Governor van de staat Texas en voert campagne voor de Republikeinse partij om voor de vierde keer op een rij die positie te bekleden. Op zijn persoonlijke campagne pagina heeft hij ook wat informatie over zijn vader staan.   
Ik vraag me nu af of het de invloed van een rijke, conservatieve, amerikaanse man is, waardoor de nobele aard van Amerikaanse soldaten in een Frans museum zo benadrukt wordt. 

Ook hier een vercommercialisering van het oorlogsverleden.
En zoals ik in mijn vorige post over Pointe du Hoc ook al zei, ook hier ging herdenking hand in hand met vercommercialisering van het oorlogsverleden, wat me ook hier weer een bevreemdend gevoel gaf.

donderdag 18 juli 2013

Vakantie in Normandië - Pointe du Hoc

Het gedenkteken voor de gevallen Rangers.
We konden niet alleen een hoop leren over vroeg-middeleeuwse geschiedenis in Normandië, we hebben ook een hoop geleerd over de landing van de geallieerden in Normandië op D-Day in 1944. We zijn een dag naar Pointe du Hoc gegaan. Daar hadden de Duitse troepen kanonnen staan die nog flink wat schade konden aanrichten op het nabij gelegen Utah Beach en Omaha Beach, als onderdeel van hun verdedigingslinie. Dus deze strategische klif moest ingenomen worden. Daarvoor werden Amerikaanse Rangers gebruikt. Die mochten eerst tegen 30 meter hoge kliffen opklimmen.

Dat is dus 30 m diep, met vrij woeste golven eigenlijk.
Daarna werden ze beschoten door Duitse soldaten die in verschillende diepe bunkers verstopt zaten. De kanonnen waar iedereen zo bang voor was, bleken op het laatste moment verplaatst te zijn en daarmee minder een gevaar voor de landingen op de nabijgelegen stranden.

Zicht vanuit de bunker. 
Na flink wat gevecht en zware verliezen werd Pointe du Hoc ingenomen door de Rangers, die daarna nog het punt vastgehouden hebben, wachtend op versterkende troepen. Dat liet vrij lang op zich wachten, waardoor de Rangers zware verliezen leden.

In de richting van Utah Beach
In de richting van Omaha beach
En nu is het een toeristische gebied waar mensen rondwandelen en leren over de invasie van Normandië

Veel van de bunkers op het punt zijn (deels) bewaard gebleven en Francis liep er in en uit. Ik kreeg meteen last van mijn claustrofobie in die smalle donkere ruimten en ik ben blij dat ik er geen lange, stressvolle tijd in hoefde door te brengen, terwijl de bommen me om de oren vlogen. De brokken beton en de metalen bewapening waren nog goed zichtbaar en het zijn echt flinke bouwwerken geweest, bestaand uit allemaal kleine smalle gangetjes en kleine benauwende kamertjes. 

Ook de jongste bezoekers zijn erg geïnteresseerd. 
Francis zit in een put, geslagen door een bom. 
Verder was het terrein ook gevuld met diepe putten, waar bommen van voorbereidende bombardementen flink zijn ingeslagen. Deze putten waren inmiddels wel weer begroeid met gras en zo, maar nog steeds flink dieper dan ik. Ik was onder de indruk van de krachten die daar op de aarde gewerkt moeten hebben.

Wandelpaden tussen de putten en bunkers door.
En nu is het een toeristische gebied waar mensen rondwandelen en leren over de invasie van Normandië. Het voelt een beetje vreemd aan dat de gebieden waar zo zwaar gevochten is, nu mensen rondlopen met kindertjes en camera's en een leuk dagje uit hebben. Er is echt een toeristische industrie ontstaan rondom alle punten in Normandië waar belangrijke slagen uit de de Tweede Wereld Oorlog hebben plaatsgevonden, en in Normandië betekent dat zo'n beetje in ieder dorp van zijn eigen bunker uit de Atlantikwall een museum heeft gemaakt en toeristen ontvangt. Het voelt raar dat zo een groot gevecht met zoveel doden niet alleen maar serene, plechtige begraafplaatsen heeft opgeleverd, maar ook winkelstraten vol ansichtkaarten, paspoppen met uniformen en vlaggetjes en geinige tegeltjes. 

Maar ondanks de bevreemding was Pointe du Hoc een indrukwekkende ochtend uit.

woensdag 17 juli 2013

Courgette!


Terwijl we op vakantie waren, groeide de tuin natuurlijk door. Het was erg droog terwijl we weg waren, maar onze lieve buren namen het op zich om niet alleen een oogje op de post te houden, maar ook de planten in de tuin water te geven. En daar ben ik erg dankbaar voor, anders was de hele boel geel en droog geworden. Nu kwamen we terug in een tuin die na een week wel geëxplodeerd leek. Vooral de courgettes waren wild geworden. Dit jaar heb ik gekozen voor gele courgettes en die zien er wel heel leuk uit.

3 kilo aan courgette!
Ik heb meteen de courgettes geoogst en toen bleek ik wel 3 kilo te hebben en het gourgette seizoen kan wel tot ergens in september lopen! Hoe verwerk ik dat allemaal? Met recepten van Hugh Fearnley-Whittingstall, natuurlijk. 

De courgettes werden verdeeld in 5 porties van zo'n 600 gram. Iedere portie werd in kleine stukjes gehakt en samen met een teentje knoflook opgebakken in olijfolie tot ze volledig zacht en gaar waren. Vooral de grotere courgettes verloren daarbij veel vocht, dat ik flink weg heb laten dampen. Wanneer alles eenmaal zacht en gaar was, even snel met de staafmixer pureren (niet te fijn) en dan in een diepvrieszakje de vriezer in. Die kan ik nog eens ontdooien en dan gebruiken als basis voor soep of pastasaus. 

Zo'n grote courgette zit er ook intimiderend uit. 
Één portie van de courgettes werd na deze behandeling meteen verwerkt tot een courgette souffle. Erg lekker en daar kunnen we met ons gezin twee dagen van eten. Ik doe er ook altijd nog wat kruiden uit de tuin door, een beetje peterselie, thijm en bieslook zijn er heerlijk bij. En samen met een paar blaadjes sla en een stukje stokbrood heb je ook weer een volledige maaltijd.

En toen we terug kwamen heb ik ook de rest van de bessen van de struiken gehaald. Ik heb nu ook in de vriezer twee zakken rode bessen, twee zakken zwarte bessen en twee zakken kruisbessen. We moeten wel heel veel ijs en taart eten om dat op te krijgen. Ik heb er al zin in. 

dinsdag 16 juli 2013

Vakantie in Normandië - Bayeux

Het is natuurlijk wel vakantie.

De vakantie was natuurlijk niet alleen maar strand en zwemmen en koffiedrinken in het zonnetje bij de Kaneelappel. We hebben ook aan cultuur gedaan en die cultuur viel mooi samen met twee van mijn hobbies, rollenspelen en handwerken. 






Saint Marcouf de l'Isle ligt op ongeveer 45 minuten rijden van het middeleeuwse stadje Bayeux, thuishaven van het Tapisserie van Bayeux. En dat tapijt (het is eigenlijk een wandkleed) combineert mooi mijn liefde voor rollenspelen en handwerken. In juni nog waren de Pendragon - rollenspelers bijeen voor een avontuur in Bayeux. Dus toen ik met mijn vakantie zo dicht in de buurt kwam, moest ik er natuurlijk wel heen, om het stadje te bekijken. Er zijn nog wel oude Romeinse resten en vroeg- Middeleeuwse resten te vinden van het stadje, maar door de Viking-aanvallen in de 9e eeuw, is het stadje verwoest. Dus er was weinig meer over van wat er in de 5e eeuw te zien moet zijn geweest.

De mannen gaan met blote benen scheep naar Engeland.
Dan mijn andere hobby, handwerken. Het Tapijt van Bayeaux is een enorm doek van bijna 70m lang en een halve meter breed en beeld de voorgeschiedenis van de invasie van Engeland door Willem de Veroveraar uit. Het is doek is gemaakt na de Slag bij Hastings en is daarmee bijna 1000 jaar oud. En voor een doek dat bijna een millenium oud is en een hoop heeft meegemaakt, ziet het er nog heel goed uit. De  kleuren zijn goed behouden gebleven en de plaatjes zijn herkenbaar en vertellen het verhaal, bijna als een stripverhaal. 
Het tapijt is tentoongesteld in het Bayeux Tapistry Museum, een vrij klein museum, dat alleen informatie heeft over het tapijt en de tijd waarin het is gemaakt. Maar het is een goed museum. Het tapijt is achter glas opghangen op ooghoogte, op de manier waarop het ook jarenlang in de Cathedraal van Bayeux tentoongesteld werd. En verder was er een korte film over het tapijt en de tijd die het weergaf. Ook waren er verschillende tentoonstellingen te zien over de manier waarop het tapijt tot stand is gekomen en weergaven van de voorwerpen die in het tapijt voorkwamen. 
Een klein museum en een smalle focus, maar zeker het bezoeken waard wanneer je in de buurt ben. 

De Cathedraal
Na een bezoek aan het museum hebben we ook nog een bezoek gebracht aan de nabijgelegen Cathedraal, gebouwd door Bisschop Odo, broer van Willem de Veroveraar en lange tijd de bewaarplaats van het Tapijt. Ook een erg mooie Cathedraal, met zeer indrukwekkende glas-in-lood ramen.

Al met al was Bayeux een leuk klein stadje om eens te bezoeken.

zondag 14 juli 2013

Vakantie in Normandië


Francis op het muurtje bij ons huis
We zijn weer terug van vakantie en wat voor een! Nadat we vorig jaar veel plezier hadden van onze vakantie in Breizh, wilden we weer naar Frankrijk. Breizh is natuurlijk enig, maar wel vrij ver reizen. Omdat ik toch ook graag aan de kust wil zitten (lekker uitwaaien aan het strand) viel ons oog dit keer op Normandië. In een vrij strategische inschattingsfout liet Sander mijn oog vallen op een huisje in Saint Marcouf de l'Isle. Toen ik eenmaal gezien had dat we vanuit de woonkamer van het huisje zicht hadden op de zee, kon Sander me niets meer weigeren.

Net als vorig jaar, reisden we ook via een tussenstop bij onze vrienden +F en G. in Roosdaal. En dat was een goed idee, zo konden we toch nog 2,5 uur van onze reistijd naar Normandië afhalen en konden we genieten van een heerlijke maaltijd die we niet zelf hoefden te koken. Voor de goede zorgen hebben we hen nog een stripje cadeau gedaan, een re-imagining van de beroemde Suske en Wiske verhalen. Ik vond het in elk geval erg grappig.

Uitzicht uit de woonkamer
Het huisje werd geboekt via een in Nederland opererend reisbureau. Maar later kwamen we erachter dat de eigenaar van de woning ook direct de huisjes verhuurt. Er was in elk geval niets gelogen. Het huisje was klein maar fijn en van alle gemakken voorzien. En inderdaad pal aan het strand. Dus vanuit de woonkamer liepen we in badkleding zo het strand op.

Na een verfrissende duik is het nog een hele wandeling terug, bij eb. 
 En wat voor een strand. Ik ken de verhalen over de extreme getijden bij Normandië en ook hier was er een groot verschil tussen eb en vloed. Bij eb was je echt even onderweg naar de zee, bij vloed spelde het water tot ongeveer 5 meter van ons huisje. Maar de zee was kalm. Er was een breed, langzaam aflopend strand, waardoor het wel snel eb of vloed werd, maar er geen krachtige stroming ontstond. Dus de kindertjes konden veilig spelen.

Spetteren in het water. 
Scheppen in het zand

De lange wandeling terug naar het huisje (rechts, met de blauwe schutting).
Wat me nog het meest verbaasde was het totale gebrek aan mensen. Hier zaten we, slechts 7 uur rijden van ons huis in Malden aan een prachtig breed zandstrand in een luxueus huisje met heerlijk zonnig weer en geen kip te bekennen. Als ik heel erg mijn best deed en goed zocht, kon ik in de verte misschien een ander gezin zien. Op een drukke dag heb ik in een keer twintig mensen op het strand geteld. Het was heerlijk.

Het strand in de richting van Ravenoville

Het strand in de richting van St Marcouf de l'Isle

Vaak werd het in de middag wat drukker, maar dan vooral met wandelaars die hun hond uitlieten, hardlopers, ruiters en mensen die met vliegers en kitesurfers in de weer waren, maar verder weinig bad- en strandgasten. Echt gek, aangezien het water frisjes maar prima te doen was. Sander nam bijvoorbeeld elke morgen even een zeer frisse duik in het zee water. Bij vloed, dan was het minder ver lopen en waren er iets meer golven, die niet boven zijn middel uitkwamen.
Frisse ochtendduik
Maar we hebben nog meer gedaan dan alleen op het strand hangen. De eerste dag, zondag, moesten we allemaal een beetje bijkomen van de lange reis. Dus die dag hebben we alleen boodschappen gedaan en op het strand gehangen en een kleurtje gekregen. 
De rest van de week was het weer wat minder. Fris en in de morgen bewolkt. Ook waaide het hard, wat voor de omgeving kennelijk erg ongewoon was. Maar de rest van de tijd hebben we ons verdiept in de spannende geschiedenis van Normandië.

donderdag 4 juli 2013

Overdaad

Nadat Sander en ik onze achtertuin onder handen hebben genomen, hebben we daar ook twee bessenstruiken geplant, rode en zwarte. Vorig jaar hebben we daar niet veel plezier van gehad. De bessen werden allemaal opgegeten door de vogels. Maar dit jaar hingen de twe struiken vol met bessen, waarschijnlijk ook dankzij de compost van +Rian van Andel. Dus die heb ik gisteren allemaal geplukt.

Om ze te bewaren vries ik ze in. Eerst de bessen van de steeltjes rissen, even wassen onder de kraan om blaadjes, beestjes en stof weg te spoelen. Goed uit laten lekken en dan in laagjes in laten vriezen. Als de bessen los liggen, kun je ze na het invriezen als knikkers in een zakje doen.
Ik heb niet zo heel veel ruimte in mijn vriesvak, dus ik had een bak genomen, een laagje bessen erin. Even droogdeppen. Dan twee laagjes keukenrol en de volgende laag bessen. Dat ging prima. Ik was even bang dat ze vast zouden vriezen aan het keukenrol en dat gebeurde ook wel een beetje, maar ik kon de bessen zonder problemen of scheuren van de keukenrol halen.

Wanneer ik binnenkort tijd heb, zal ik de bessen kort koken met veel suiker en dan pureren. En dan heb ik weer een lekkere vruchtensaus voor over taart, ijs en yoghurt.
Ik ben van plan hetzelfde te doen met de kruisbessen, waar dit jaar ook veel meer bessen aan zitten dan vorig jaar. Ik vries de boel in, ik wacht tot de rest ook rijp is en dan maak ik er weer een lekkere taart van.

En tot slot heb ik vanavond broccoli uit eigen tuin gegeten. Eerder dit jaar wilde ik eens wat nieuws in de tuin en ik heb broccoli ingezaaid. Vier planten heb ik toen terug in de tuin gezet. En afgelopen week werden de broccoli-roosjes ineens heel groot en werd het tijd om ze te oogsten. Ik heb ze even heel kort gestoomd en gegeten met een ansjovis-mosterd sausje. Heerlijk en zo veel smakelijker dan broccoli uit de winkel. Van de plant, in de pan en in het mondje is toch wel het allerlekkerst.


Het geeft me altijd een heel fijn gevoel van huiselijkheid, wanneer ik eten uit eigen tuin op tafel weet te zetten en ik weet van zaadje tot laatste hapje wat er met de plant is gebeurd.