dinsdag 28 mei 2013

Rabarberbarbara

Vorig jaar heb ik wat rabarber in de tuin geplant, na wat mislukte experimenten met zaad. Het groeide vorige zomer maar langzaam en ik heb er niet van geoogst in 2012. Afgelopen herfst kreeg ik van +Rian van Andel ook nog wat gecomposteerd keukenafval met heel veel wormen erin. Dat ging mooi over de rabarber heen en sinds het dit jaar overdag niet meer vroor, groeide mijn rabarbar als... eh... rabarber. Afgelopen vrijdag vond ik dat de rabarber de bessenstruiken teveel overheerste en er ligt tenslotte nog een heel groeiseizoen voor ons. Dus ik haalde de grootste stelen weg. Dat heb ik geweten.

Rabarberstelen met blad
De stelen
Ik had twee armen vol met rabarberstelen. Eenmaal in de keuken namen ze een flink deel van het aanrecht in beslag. Toen ik de bladeren eraf had geknipt, had ik meer dan 1600 gr. aan stelen over. Wat doe je daarmee? Volgens een recept van de onvolprezen Delia Smith klaarmaken. 

Ik hakte te stelen in stukjes, deed die in een (grote!) ovenschaal met 7 eetlepels bruine suiker en flink wat geraspte gember. Na 35 minuten in de oven op 180oC komt de rabarber er zacht en geurig weer uit. Dat gaat in grote, gesteriliseerde en afsluitbare potten. Dat is dan weer te bewaren voor een toevoeging aan yoghurt of vulling voor een taart. 

Heerlijk. 

En dan te bedenken dat ik rabarber als kind vreselijk vond.    

En dan heb je dus ook iets meer dan 1,5L aan rabarber-compôte. 
 Oh... en dan het verhaaltje waar we het allemaal voor doen:

In een zeemansdorpje woonde eens een meisje, Barbara genaamd. Barbara maakte de allerlekkerste rabarberpudding in de verre wijde omtrek en omdat iedereen de rabarberpudding van Barbara zo lekker vond werd Barbara altijd "Rabarberbarbara" genoemd. Omdat Rabarberbarbara op een gegeven moment zo bekend was geworden met haar rabarberpudding, besloot ze om haar eigen bar te openen. Natuurlijk werd die bar de "rabarberbarbarabar" genoemd. Als vanzelf werd Rabarberbarbara's rabarberpudding omgedoopt tot "rabarberbarbarabarrabarberpudding". Bij deze overheerlijke rabarberbarbarabarrabarberpudding tapte Rabarberbarbara ook een glaasje bier, het zogeheten rabarberbarbarabarbier.

Rabarberbarbara had in haar rabarberbarbarabar nogal wat vaste klanten, maar veruit de bekendste klanten waren wel drie barbaren die regelmatig van Rabarberbarbara's rabarberbarbarabarrabarberpudding en rabarberbarbarabarbier genoten in de rabarberbarbarabar. Omdat deze barbaren zo vaak in de rabarberbarbarabar kwamen om Rabarberbarbara's rabarberbarbarabarrabarberpudding te eten en ze zich daarbij laveloos dronken met het rabarberbarbarabarbier kregen zij op een gegeven moment de bijnaam "rabarberbarbarabarbarbaren".

De rabarberbarbarabarbarbaren hadden natuurlijk ook lange stoere baarden, de rabarberbarbarabarbarbarenbaarden en voor de verzorging van deze barbaarse rabarberbarbarabarbarbarenbaarden gingen de rabarberbarbarabarbarbaren naar de barbier en dat was natuurlijk de rabarberbarbarabarbarbarenbaardenbarbier.

Tijdens het verzorgen van de rabarberbarbarabarbarbarenbaarden praatte de rabarberbarbarabarbarbarenbaardenbarbier tegen de rabarberbarbarabarbarbaren in een soort bargoens, het zogeheten rabarberbarbarabarbarbarenbaardenbarbierbargoens.

Bovendien had de rabarberbarbarabarbarbarenbaardenbarbier zelf ook een bar, de rabarberbarbarabarbarbarenbaardenbarbierbar, en in deze rabarberbarbarabarbarbarenbaardenbarbierbar tapte de rabarberbarbarabarbarbarenbaardenbarbier natuurlijk een lekker biertje en je raadt het natuurlijk al, dat was het bekende rabarberbarbarabarbarbarenbaardenbarbierbarbier.

Behalve de rabarberbarbarabarbarbaren had de rabarberbarbarabarbarbarenbaardenbarbier nog veel meer barbaren als klant, die je dus de rabarberbarbarabarbarbarenbaardenbarbierbarbaren zou kunnen noemen, maar omdat deze rabarberbarbarabarbarbarenbaardenbarbierbarbaren tijdens hun bezoek aan de rabarberbarbarabarbarbarenbaardenbarbier ook naar de rabarberbarbarabarbarbarenbaardenbarbierbar gingen om zichzelf helemaal vol te gieten met het overheerlijke rabarberbarbarabarbarbarenbaardenbarbierbarbier, werden deze rabarberbarbarabarbarbarenbaardenbarbierbarbaren meestal rabarberbarbarabarbarbarenbaardenbarbierbarbierbarbaren genoemd.

zondag 26 mei 2013

woensdag 22 mei 2013

Spellendag

Het is weer Hemelvaart geweest en daarmee ook weer tijd voor de traditionele spellendag op de vrijdag na Hemelvaart

Francis en Sander spelen Genius, alleen voor bollebozen

We hadden natuurlijk net een lekkere vakantie in Brugge achter de rug en daarna wat dagen van zware arbeid in de nieuwe voortuin. Dus we hadden er zin in. Zoals altijd gingen de kids in de morgen naar de opvang, zodat wij het huis op orde konden brengen en ons konden voorbereiden op de komst van hongerige gasten. Ik maakte scones met rozijnen en Sander maakte een heerlijke pompoensoep.

Vanaf 13:30 kwamen er gasten over de vloer. We begonnen eenvoudig met Stef Stuntpiloot, een leuk spel voor kleine kinderen en dronken volwassenen. Later heb ik  weer een spelletje 30 seconds van de grond gekregen, een leuke onzin game om je vrienden beter te leren kennen (Hoezo, je weet niet wie Eddy Merckx is?). En later op de avond nog Nuns on the Run (Bedankt +Rian van Andel voor het meenemen) en Vroeger of Later. En Sander heeft nog zijn favoriet Ra kunnen spelen. Helaas geen Serenissima van de grond gekregen.  

En het meegebrachte eten was ook weer heerlijk. Dit keer geen enge sprinkhanen, gelukkig, maar wel lekkere tabouleh, groentestoofpot, inidisch eten, citroenvla met chocolade en alcoholische abrikozentaart.

Tegen 01:00 ging ik uitgeput maar voldaan naar bed. Morgen weer een dag, waarop er weer veel van me gevraagd zou worden (kids worden gewoon om 07:00 wakker, hoe laat je het ook maakt.

maandag 20 mei 2013

Helemaal af

De tuin is nu helemaal af! Nou ja, bijna.
In het weekeinde dat wij in Brugge waren, heeft de tuinman onze tuin afgemaakt. Het pad was al aangelegd, maar we wilden ook nog een hekje om de tuin en aan de linkerkant (vanuit de voordeur gezien) een kleine pergola, voor wat klimplanten. En dat is gelukt. Toen we maandagavond thuiskwamen, konden we het al zien.

Toen we thuiskwamen
Maar het was nog helemaal kaal natuurlijk. Dus dinsdag ging ik met Sander en de kids naar de Intratuin en heb me daar even uitgeleefd. Na afloop waren we flink wat geld armer, maar kon ik wel Monnikskap in verschillende kleuren, Vingerhoedskruid in verschillende kleuren, Kerstroos in verschillende kleuren, Stinkend Nieskruid, Nagelkruid, en Stokroos mee naar huis nemen. Ook hebben we geïnvesteerd in wat klimplanten voor aan de pergola, een Clematis, Kamperfoelie en Klimroos.

Aan de linkerkant van het huis
En toen ben ik drie dagen bezig geweest om het allemaal in de grond te krijgen, dat was nog flink ploeteren.  Ook de planten die ik twee weken eerder had gered uit de voortuin en in potten in de achtertuin stonden, heb ik in de grond gekregen. Ik heb meteen wat dingen op een betere plek kunnen zetten. De varens en Saxefraga en vrouwenmantel gaan wat meer de schaduw in. De Hibiscus en de distels gaan wat meer de zon in, de Lelies worden meer bij elkaar geplaatst in de zonneschijn.

Aan de rechterkant van het huis.
Inmiddels slaan de verpotte en verplante planten allemaal aan en beginnen alweer nieuwe uitlopers te maken. Dus het komende jaar zal het er nog wel wat sprietig uitzien, maar het wordt volgend jaar vast allemaal prachtig.

maandag 13 mei 2013

Pendragon IV

Het is alweer tijd voor een nieuwe Pendragon aflevering. Ik moet zeggen dat de ontwikkelingen elkaar snel opvolgen in dit rollenspel. Dat wordt natuurlijk aan de ene kant afgdwongen door de druk van de regels. De ridders voelen echt enige druk om voor nageslacht te zorgen, zodat zij een erfgenaam hebben. Aan de andere kant, zijn de avonturen aan het begin van de Great Pendragon Campaign ook niet heel erg diepgravend. Het is meer een interactieve geschiedenisles.

Historisch overzicht
Bledri van Winterbourne Gunnet
Bradwen de Moedige
Eliot van Burcombe (Niet aanwezig)
Gilmere van Tisbury
Grigor de Geweldenaar
Marcus Livius van Broughton (Niet aanwezig)

Kerstmis 486 Anno Domini, Salisbury

Koning Uther heeft besloten om kerst dit jaar te vieren in Sarum. Dat betekent dat hij met zijn hele hofhouding naar Sarum is gekomen. Hij, zijn familie, zijn bedienden, zijn belangrijkste leenmannen, hun familie en hun bedienden logeren in het kasteel van Sarum. Zijn minder belangrijke leenmannen en aanhangers en hun families en hun bedienden logeren bij de verschillende leenmannen van Sir Roderick, Earl van Salisbury.

Uther, Koning van Logres

Sir Gilmere van Tisbury heeft een oog voor de verschillende intriges aan het hof. Zo vangt hij op dat Preator Syagrius nog steeds aan het lobbyen is om steun te krijgen bij de verdediging van zijn rijk Soissons tegen de brute Franken, in het verre Gallië (intrigue succes). Verder vraagt hij aan Sir Roderick om te mogen huwen met Lady Adwen (courtesy succes). Deze jonge dame is erg mooi en heeft ook verschillende landgoederen geërfd van haar vader. Bij dit huwelijk zou Sir Gilmere ineens een Banneret zijn, een ridder die weer eigen ridders heeft, die trouw aan hem zijn. Sir Roderick is onder de indruk van de manier waarop Sir Gilmere zijn zaak voorlegt aan zijn leenheer, maar hij vindt Sir Gilmere nog te jong en onervaren om een belangrijk leenman met eigen leenmannen te zijn. Hij wijst het verzoek van Sir Gilmere af (tot frustratie van Gilmere).

Sir Bradwen van Steeple Langford

Sir Bradwen de Moedige heeft een familie uit Orkney onderdak moeten geven in zijn landgoed van Steeple Langford. Het hoofd van deze familie is een soort diplomaat voor Koning Lot aan het hof van Koning Uther en Koning Uther neemt hem en zijn familie mee op dit soort reizen om Koning Lot niet voor het hoofd te stoten. Maar aangezien hij Koning Lot niet vertrouwt, is deze familie nooit betrokken bij de centrale intriges aan het hof. Vandaar dat zij in Steeple Langford logeren en niet in Sarum.
Maar Sir Bradwen laat zijn oog vallen op de mooie dochter van de diplomaat, Kayleigh. Hij flirt wat met haar en zij is zeer onder de indruk van deze beschaafde man uit de zuidelijke landen (flirt succes). Maar haar broer Sean ziet dat niet zitten en hij sommeert Sir Bradwen om zich niet met zijn zusje te bemoeien. Aangezien Sir Bradwen hier een gastheer is, kan hij niet zomaar zijn gasten in elkaar slaan wanneer ze dronken en beledigend zijn. Dus hij stelt voor om het geschil buiten op te lossen. Het bier en testosteron hebben al rijkelijk gevloeid, dus binnen de korste keren staat de hele hofhouding van Sir Bradwen buiten, samen met de gasten uit Orkney.

Intussen heeft Sir Grigor de Geweldenaar besloten dat het tijd is dat bij moet trouwen. Hij wil dat doen met een zuster van Sir Bradwen, want die lijken heel goed in het beheer van een landgoed (Sir Grigor is maar zeer halfhartig geïnteresseerd in het vrouwelijk geslacht). In de winter maakt hij de lange tocht van Berwick St. James naar Steeple Langford om Sir Bradwen om de hand van een van zijn zussen te vragen. Wanneer hij aankomt bij Steeple Langford, is hij net op tijd om te zien hoe Sir Bradwen met een hele knappe, stoere, breedgeschouderde, noordelijk man gaat vechten.

Sir Grigor van Berwick St. James

Het gevecht duurt niet lang en met een houw van zijn zwaard maakt Sir Bradwen duidelijk dat zijn intenties ten aanzien van de zuster van Sean oprecht en eerbaar zijn (sword succes). Sean accepteert dat, nu dit voor de ogen van zijn familie zo duidelijk bewezen is. Sir Grigor wordt nu opgemerkt en Sir Bradwen stelt Sir Grigor voor aan Sean. Sir Grigor kan het niet laten om te flirten met Sean en dat valt in goede aarde (flirt succes). Later die avond wordt er een vervolg gegeven aan alle double entendres over een weer (lustful succes).
De volgende morgen probeert Sir Grigor met een gepassioneerde toespraak Berta van Steeple Lanford ervan te overtuigen dat hij haar tot zijn vrouw wil maken. Maar zijn toespraak maakt weinig indruk (orate failure). Desondanks weet hij zijn lust naar Sean voor haar verborgen te houden (deceitful succes).

Sir Bledri hangt rond in Sarum en probeert aan te haken bij de hoge en machtige heren van Logres. Hij hoort Madoc, zoon van Uther spreken over het aanvallen van de Saksische kusten. Dat spreekt tot zijn verbeelding, Saksen aanvallen en glorie behalen in veel bloederige gevechten.

Kerstdag 486 A. D. 

Op deze dag worden er giften uitgedeeld. De ridders krijgen hun giften van hun heer, Sir Roderick, Earl van Salisbury. Maar Koning Uther deelt ook giften uit aan zijn leenmannen. En ook Madoc heeft een grote gift voor zijn vader, namelijk Saksische schatten. Veel daarvan zijn eigenlijk Britse schatten, maar teruggeroofd van de Saksen. Koning Uther is erg in zijn nopjes met zijn dappere zoon. Hij geeft zijn zoon dan ook grote landgoederen als gift, is dit een eerste stap naar erkenning van zijn zoon als kroonprins? 
Dan komt Merlijn de tovenaar binnen en ook hij heeft een gift voor Koning Uther, namelijk het Zwaard der Overwinning, Excalibur. Het zwaard lijkt een vreemde uitwerking te hebben op Koning Uther en zijn leenmannen, zij lijken wel gehypnotiseerd door het blinkende zwaard. Koning Uther prevelt dat hij met dit zwaard aan zijn zijde heel Britannië kan verenigingen. Merlijn antwoordt dat het zwaard hem zal dienen zolang hij een rechtvaardig heerses is. Koning Uther lijkt hem nauwelijks te horen. 
Sir Roderick schuift Sir Bradwen en Sir Gilmere naar voren als de dappere ridders die geholpen hebben om het zwaard uit het meer te halen. Sir Bradwen weet zonder stotteren verslag te doen van zijn avonturen voor de hoge heren (orate succes). 

Winterphase 486/ 487 A. D. 

Iedereen wordt weer een jaar ouder en wijzer. Sir Bradwen en Sir Gilmere weten dit jaar een zeer goede oogst te realiseren en kunnen een jaar lang door het leven als een rijke ridder, voor Sir Bradwen het tweede jaar op een rij. 
Sir Bradwen trouwt met zijn Kayleigh van Dalmeny. Zij blijkt het jongste kind uit een groot gezin te zijn. Zij heeft nog 4 oudere zussen en 3 broers.
Sir Grigor trouwt met Berta van Steeple Langford, een zusje van Sir Bradwen en verbindt zich daarmee nog nauwer met Sir Bradwen. Sir Grigor verliest verder zijn enige zus, Gwenda, aan de dood. Ook sterft het rijdier van Sir Grigor. Hij zal het komende jaar vanaf een rouncy moeten vechten. Dit is wel heel veel ongeluk voor een ridder in een jaar, maar hij zal vast niet vervloekt zijn, vast niet.
Sir Bledri heeft de dood van zijn tante Clarissa (een zuster van zijn moeder) te verwerken.
Sir Gilmere van Tisbury verliest ook zijn moeder, Lore. Maar zij sterft niet, maar verdwijnt gewoon. Sir Gilmere was al niet blij met het huwelijk van zijn moeder met de veel jongere Sir Floridas, maar nu zal hij toch echt actie moeten ondernemen bij Kasteel Vagon om uit te zoeken wat er met zijn moeder aan de hand is.
Verder worden ook de schildknapen ouder. Bavo, de jongere broer van Sir Bradwen is te oud om nog een schildknaap te zijn. Samen met zijn vrouw Antje en hun dochter Maria komt hij weer in Steeple Langford wonen. Hij is nu een ridder in dienst van zijn oudere broer.
Sir Gilmere heeft een nieuwe schildknaap nodig en Sir Grigor zegt dat zijn jongere broer Gilbert nog wel wat lesjes kan gebruiken van een ervaren ridder. 

Lente 487 A. D. 

In de vroege lente melden de ridder zich weer bij Sir Roderick. Sir Roderick geeft aan dat er dit jaar verschillende dingen staan te gebeuren. Koning Uther gaat met een paar vooraanstaande leenmannen, waaronder Sir Roderick naar de Hertog van Lindsey, om hem te bewegen Uther als Hoge Koning over heel Britannië te aanvaarden. Daarnaast gaat Prins Madoc de Saksische Kust plunderen. Daarbij heeft hij ook dappere mannen nodig.
Madoc, Prins van Logres

Sir Roderick geeft Sir Bradwen en Sir Gilmere de mogelijkheid om hun missie te kiezen en geeft Sir Grigor en Sir Bledri de opdracht om zich te voegen bij Prins Madoc in Hantonne, aan de monding van de Rivier Test. Sir Bradwen kiest ervoor om met zijn leenheer naar Lindsey te reizen.
Sir Gilmere geeft aan graag naar de Sasksische kust te willen en vraagt of Sir Grigor dan met zijn heer mee mag reizen naar Lindsey.

Plunderen


View Raiding on the Saxon Shore in a larger map

Sir Bledri en Sir Gilmere gaan naar Hantonne, waar zij Prins Madoc en Admiraal Gwenwynwyn ap Naf treffen. Samen met andere jonge ridders uit verschillende delen van Logres. Zij schepen in en gaan op avontuur.
Eerst naar Pevensey, waar zij strijden met de krijgers van Aelle, de leider van de Zuidelijke Saksen. Gilmere wordt bruut bewusteloos geslagen door een Saksische krijger, maar toch overwint de groep van Madoc. Dan reizen zij verder naar Dover, bij de imposante witte kliffen. Daar verbranden zij de schepen van de Juten.
Steeds verder reizen de dappere Britten, naar Maldon, waar zij een paar slecht bewaakte schepen in brand steken. Dan gaan zij dieper de monding van de Blackwater River in, waar zij weer strijd leveren met een Saksische vloot. Deze laffe Saksen vluchten naar de nabij gelegen monding van de Colne.
Inmiddels zijn de ridders en de schepen flink gehavend geraakt. In Yarmouth komt iedereen weer op krachten. Maar nog zijn niet alle Saksische schepen vernietigd en de tocht gaat door, naar de Wash dit keer, een vreemde baai met sterke stromingen en ondiepten. In deze strijd wordt Sir Gilmere weer zo hard geslagen dat hij bewusteloos raakt. Maar Sir Bledri ziet zijn vriend vallen en blijft bij hem, totdat zijn schildknaap Gilbert hem in veiligheid kan brengen. Wanneer Gilmere weer bij zijn positieven is, wil hij Sir Bledri bedanken voor zijn dapperheid.

Missie naar Lindsey

Koning Uther reist met een aantal mannen naar Lincoln, waar zij Hertog Lindsey ontmoeten. Het onthaal van de Hertog is kil en net binnen de grenzen van het betamelijke. Maar er wordt ook gezongen door minstrelen. Na verloop van tijd wordt Sir Bradwen gevraagd om te vertellen over zijn avonturen met Merlijn. Sir Bradwen vertelt hoe hij monsters versloeg, terwijl Merlijn een zwaard uit het water haalde.
Dan laat Merlijn het zwaard Excalibur zien. In de duistere en rokerige hal van het Kasteel van Lincoln lijkt het zwaard wel licht te geven. De Hertog van Lindsey lijkt wel gebiologeerd door het zwaard. Vanaf nu is hij een loyaal vazal van Koning Uther.
Sir Grigor heeft totaal geen idee wat hier nu gebeurd is en denkt dat de Hertog van Lincoln beetje verliefd is op Koning Uther (intrigue fumble).
Heraut Apres, de Centurion Koning

Na de succesvolle missie naar Lindsey, vraagt Koning Uther aan Sir Bradwen en Sir Grigor of zij misschien eenzelfde soort missie willen uitvoeren naar Malahaut en de Centurion Koning, in Eburacum. Eenmaal aangekomen in Eburacum, horen zij dat de Centurion Koning helemaal niet in Eburacum is, maar juist op Saksen is gaan jagen, verder naar het oosten. Ze besluiten naar zijn legerkampement te rijden en hem te vertellen over het zwaard Excalibur.
De Centurion Koning is helemaal niet geïnteresseerd in de zwaarden van collega-Koningen en hij zegt dat ook tegen de ridders. Koning Uther en zijn glitter-zwaard zijn allemaal reuze leuk en aardig, maar hij heeft Saksen te doden. Sir Bradwen en Sir Grigor bieden aan daarbij te helpen. De Centurion Koning is niet echt onder de indruk en zegt hen pas serieus te nemen wanneer zij met 5 Saksische hoofden terugkomen.
"De man?" vraagt Sir Bradwen nog.
"Ja! Natuurlijk de man, wat anders?" roept de Centurion Koning terug, niet denkend dat hij de ridders ooit nog levend zal zien.

Maar Sir Bradwen en Sir Grigor zijn niet voor een kleintje vervaard en zij laten zich inspireren door hun haat voor Saksen en hun eergevoel en gaan erop uit (Passion succes). Na een korte tijd stuiten zij op een klein kamp van precies 10 Saksen, die net aan het genieten zijn van hun geplunderde waar. Terwijl zij zich vergrijpen aan een eerbare Britse vrouw, storten een woedende Sir Bradwen en Sir Grigor zich op hen. De verschillende Saksen worden al snel vakkundig over de kling gejaagd, door de woedende ridders. Af en toe zijn de afgehakte hoofden nog maar nauwelijks als zodanig herkenbaar. Met de 10 hoofden keren zij terug bij de Centurion King (wat er met de Britse vrouw gebeurd interesseert niemand meer). Deze is gepast onder de indruk en beloofd om binnenkort met Koning Uther in contact te treden.    

zondag 12 mei 2013

Weekeindje weg naar Brugge IV

Maandag was onze laatste dag in Brugge en we besloten er nog wat van te maken. Er moesten nog wat souvenirs gekocht worden voor de mensen die op onze kinderen en op ons huis gepast hadden terwijl we weg waren. Voor hen kochten we wat lekker bonbons bij de Chocolate Line, een winkel waar alleen maar lekkere chocolade verkocht wordt, in de vorm van bonbons, brokken, pillen, verf en lipstick.


Verder wilden we ook nog een rondvaart maken door de reien (grachten) van Brugge, dus dat deden we ook op deze laatste morgen. Op verschillende plekken startte een rondvaartboot voor een rondvaart van een half uurtje. Het was leuk om een paar plekjes in Brugge vanaf het water te zien. 

Het Belfort, maar nu vanaf het water
Een schattig houden huisje aan het water
Inmiddels was het ook al weer tijd voor wat lunch. En in Brugge doe je dat natuurlijk met warme chocolademelk en een wafel. In een behoorlijk toeristisch chocolade-eethuisje deden we dat dan ook, The Old Chocolate House. Ik mocht mijn eigen warme chocolademelk maken met pure chocola en gember. Sander ging voor een lekkere, warme chocolademelk met Grand Marnier.

Eerst alles door elkaar roeren 
En dan alles opdrinken
En aan het begin van de middag gingen we weer op huis aan. Eerst nog de kinderen halen, die veel plezier hadden gehad bij mijn ouders en aan het begin van de avond door naar Malden, waar mensen onze tuin hadden verbouwd, zonder dat we erbij waren. Wat zouden we aantreffen?

vrijdag 10 mei 2013

Weekeindje weg naar Brugge III


Het weekeinde was nog niet voorbij. Zondag gingen we naar Oostende, ik wilde graag een strand wandeling maken. Het was heerlijk weer en we hebben een fikse wandeling kunnen maken over het brede zandstrand. Ik vind niets heerlijker dan met blote voeten door warm zandstrand te lopen en te luisteren naar het geruis van de zee.


 Na onze wandeling was het natuurlijk tijd om weer wat te lunchen. En als echte toeristen deden we dat dan ook bij een strandtentje, aan de Koning Albert Boulevard.


We waren redelijk vroeg weer terug in Brugge, maar ik had ook een beetje last van verkoudheid. Dus we hebben even een uurtje gerust op de hotelkamer en toen zijn we die avond nog naar Kinepolis geweest, een groot complex van bioscopen. Ik wilde graag een film zien en we zijn naar Iron Man 3 geweest. De verschillende films uit het Marvel Universum vind ik over het algemeen wel aardig en ik heb met veel plezier gekeken naar The Avengers vorig jaar.

Er stond ook een reclamebord voor Monsters University
Iron Man 3 was leuk. Goed amusement, ik vindt Tony Stark een interessant, complex karakter. De film was duidelijk beter dan Iron Man 2, die een tikje oppervlakkig werd. de rol van Ben Kingsley is tegelijkertijd afschrikwekkend en hilarisch. Aanrader!

donderdag 9 mei 2013

Weekeindje weg naar Brugge II

We hebben natuurlijk meer gedaan in Brugge dan alleen maar bier drinken en lekker eten. Op Zaterdag stonden we vroeg op en gingen we op zoek naar cultuur. En dat vonden we onder andere in de Basiliek van het Heilig Bloed. Hier wordt een buisje met bloed van Jezus Christus bewaard en op Hemelvaartsdag wordt deze in een processie door Brugge gedragen. Inmiddels is dat een groot, historisch feest geworden van meerdere dagen waar (uiteraard) veel toeristen op af komen. Wij hebben dat niet meegekregen, maar we waren wel onder de indruk van de schoonheid van deze vrij kleine Basiliek. Werkelijk alles was beschilderd, muren, plafonds, pilaren en allemaal met een wat abstracte, organische vlakvulling, wat het geheel een wat Midden Oosterse aanblik gaf.

Daarna zijn we nog naar het Groenigemuseum geweest. Hier worden voornamelijk Vlaamse Primitieven tentoongesteld, maar ook andere schilders. Ik vond vooral de Vlaamse Primitieven erg boeiend om te zien. Door de vele schilderijen was het goed te zien hoe de schilders zich ontwikkelden en steeds meer oog kregen voor details als perspectief. Ook waren de afbeeldingen, ondanks hun vreemde perspectief en gebrek aan detail aangrijpend.
Bij de poort van het Begijnhof
Later die dag kwamen vrienden F. en G. ook vanuit Roosdaal naar Brugge en met hen hebben we nog gezellig gelunched en bijgepraat. Ook hebben we met hen nog het Begijnhofje in Brugge bezocht. Het was behoorlijk groot en deed mij denken aan het Begijnhof in Gent, waar Sander en ik nog gelogeerd hebben, tijdens onze huwelijksreis (in 2005!).


woensdag 8 mei 2013

Weekeindje weg naar Brugge I

Samen op de rondvaart
Afgelopen weekeinde was het weer zover, +Sander Hartogensis en ik hadden ons jaarlijks weekeindje weg zonder de kinderen. Francis is tegenwoordig leerplichtig, dus we kunnen niet meer zomaar een weekeinde pikken om er even tussenuit te gaan. Maar ons menneke had twee weken meivakantie en toen hebben we het weekeinde midden in de meivakantie gekozen om te vertrekken. Mijn ouders hebben aangeboden om op de kids te passen, dus die konden we ook in vertrouwde handen achterlaten.

Ons oog was dit jaar gevallen op Brugge. we zijn al wel vaker in België op vakantie geweest, maar daarbij hebben we nooit Brugge aangedaan. Brussel, Antwerpen en Gent hebben we wel eerder bezocht en die bevielen uitstekend, vandaar dat we Brugge ook nog eens wilden zien. Bovendien ligt het redelijk dicht bij de kust, dus konden we ook nog een dagje naar het strand gaan, wanneer we daar zin in zouden hebben.

Op vrijdag arriveerden we in Brugge en dat was nog een hele onderneming. In de morgen vertrokken we uit Malden en gingen we eerst naar Baarn om de kinderen achter te laten. Daarna door naar het zuiden, waarbij we in Belgë met verschillende files te maken kregen, vanwege (broodnodige) wegwerkzaamheden. Ook in Brugge was het niet makkelijk om bij het hotel te komen, de straatjes waren smal en de auto's erg groot. Dus we stonden veel stil.
Uiteindelijk kwamen we dan toch aan bij ons hotel, het Ibis Hotel aan de Kathelijnestraat. We hadden een zeer eenvoudige kamer, maar schoon, zachte bedden en goedkoop. Bovendien in het oude stadscentrum en op loopafstand van alle mogelijke bezienswaardigheden en naast een betaalbare parkeergarage. Dus ideaal voor ons.

Die avond hebben we alleen een wandeling gemaakt door Brugge op zoek naar een restaurant om wat te eten. Dat was nog niet makkelijk, aangezien Brugge veel toeristischer is dan ik had verwacht en er werkelijk overal restaurantjes waren. Hoe kun je dan een keuze maken? Uiteindelijk hebben we gekozen voor een restaurant aan de Predikherenrei, waarbij we konden uitkijken over het kanaal met een lekkere Brugse Zot in de hand.

woensdag 1 mei 2013

Pendragon IIIb

Drie weken geleden kwam een deel van de Pendragon-groep weer bij elkaar om te rollenspelen. Omdat er toen vrij veel mensen afwezig waren, heb ik gisteren een extra sessie ingelast, zodat een aantal mensen hun eerste winterphase konden inhalen. De gebeurtenissen uit deze sessie vinden gelijktijdig plaats met de vorige.

Historisch overzicht
Bledri van Winterbourne Gunnet
Bradwen de Moedige (Niet aanwezig)
Eliot van Burcombe (Niet aanwezig)
Gilmere van Tisbury (Niet aanwezig)
Grigor de Geweldenaar
Marcus Livius van Broughton (Niet aanwezig)

24 december 485 Anno Domini, Sarum.

Het is de avond voor kerstmis en Sir Roderick heeft al zijn vazallen, familie-leden, vrienden en kennissen uitgenodigd om met hem en zijn familie kerstmis te vieren in zijn kasteel te Sarum. Sir Bledri en Sir Grigor zijn uiteraard van de partij met hun moeder (Sir Bledri) en ongetrouwde zussen (allebei). Sir Grigor heeft maar één jongere zuster, Gwenda, ze is 16 en beeldschoon. Sir Grigor wil haar laten trouwen en hoopt dat hij een partner voor haar kan vinden waar ze gelukkig mee kan worden. Maar ook hoopt hij invloed te kunnen krijgen door zijn zuster aan een vooraanstaand man uit te kunnen huwelijken.

Enkele belangrijke aanwezigen zijn: Sir Roderick, zijn echtgenote Lady Ellen, hun achtjarige dochter Lady Jenna en hun zoontje van één, Sir Robert. Verder zijn ook een aantal belangrijke ridders uit Salisbury aanwezig, zoals Sir Elad van Vagon, Sir Amig van Tilshead, onder wie de jonge ridders het afgelopen jaar hebben gevochten bij Mearcred Creek en Sir Jaradans, een jonge ridder die fantastisch is met zijn zwaard. Er zijn ook verschillende vrouwen aanwezig zoals Gwiona, tweede hofdame van Lady Ellen. Er is ook Lady Adwen de enige dochter van de overleden Sir Bles (waarmee zij een flink erfdeel heeft). Er is Lady Elaine, zij is rijk, maar was betrokken bij een crime passionel waar behalve haar echtgenoot ook een laag-geboren man bij betrokken was, dus haar aanzien is flink gedaald. En tot slot de wat oudere Lady Indeg die erg rijk is en op zoek is naar een leuke jonge ridder om haar eenzame winternachten op te vrolijken.

Sir Bledri wil graag trouwen en laat zijn oog vallen op Lady Adwen, door haar te huwen zal hij meteen een aantal landgoederen met vazallen krijgen. Hij flirt met haar maar maakt maar weinig indruk met zijn botte opmerkingen over haar brede heupen en grote borsten (flirt fail). Sir Grigor brengt een toast uit op het afgelopen, succesvolle jaar en krijgt daarmee wat aandacht voor zichzelf (Orate succes). Even later probeert hij te flirten met Sir Jaradan, aangezien hij zo goed lijkt met zijn zwaard. Maar Sir Jaradan is te jong en onervaren om te begrijpen waar Sir Grigor heen wil (flirt fail). Om de aandacht af te leiden, flirt Sir Grigor ook wat met Lady Adwen. Met een slimme opmerking over haar schoonheid, de winter en sneeuwklokjes, weet hij haar aandacht te trekken (flirt succes). 

Later die avond wordt er goed gegeten en gedronken. Maar hoewel Sir Bledri bekend staat als iemand die zich altijd vol laat lopen met drank (Indulgent 16) heeft hij in het verleden zijn les geleerd. Het is niet gepast om over te geven over de schoenen van al je meerderen tegelijkertijd. Dus hij laat het bier aan zich voorbij gaan vanavond (indulgent fail en temperate succes, ik gaf hem ook meteen maar een check op zijn temperate). 
Nog wat later wordt er gedanst. Sir Bledri en Sir Grigor doen hun best, maar ze bakken er nog niet veel van (Dance fail).

25 december 485 A. D.

Vandaag is het Kerstmis en Sir Grigor woont met zijn zusje de kerst-mis bij in de Cathedraal van Sarum. Tijdens de mis valt het hem op dat het huwelijk tussen Sir Roderick en Lady Ellen wel erg kil en verstandelijk lijkt. Er lijkt geen enkele affectie te zijn tussen hen, terwijl zij dit jaar nog Sir Roderick een zoon heeft geschonken.
Daarna is het tijd voor het uitdelen van giften. Van Sir Roderick krijgen de ridders ieder 1 Libram.

Tijdens de kerst-lunch proberen zowel Sir Bledri als Sir Grigor verder te flirten met Lady Adwen, maar zij maken beiden de meest vreselijke opmerkingen naar haar. Uit frustratie flirt Sir Grigor verder met Sir Jaradan. Die begrijpt nu eindelijk waar Sir Grigor heen wil, hij is geïntimideerd maar ook gefascineerd door de mogelijkheden. 

Winter Phase 485/ 486

In de Winterfase zijn de ridders thuis en verwerken zij hun ervaringen van het afgelopen jaar. In deze fase van het spel worden de karakters aangepast, worden kinderen geboren en wordt bekeken hoe de ridder, zijn familie en zijn landerijen de winter hebben doorstaan.
Sir Bledri is te trots om zijn moeder te laten zorgen voor zijn landerijen en probeert hetzelf te doen. Sir Grigor is niet bang om dit soort dingen over te laten aan zijn moeder. Het weer is mild (Bad weather fail), maar een boerderij goed beheren is toch lastig (Stewardship fail). Maar beiden weten toch een respectabele oogst binnen te halen.
Verder komt Sir Bledri een gerucht ter ore, dat zijn jongere zuster Carsenefide, die getrouwd is met Sir Dewi van Pitton, een overspelige vrouw is. het is natuurlijk moeilijk te zeggen wat hiervan waar is, maar de gevolgen voor Carsenefide kunnen groot zijn. En daarmee kunnen de kansen van Balinette om een goed huwelijk te sluiten ook verkeken zijn. 

Maart 486 A. D.

De ridders begeven zich naar Sarum om daar hun dienst voor Sir Roderick te verrichten. In de straten van Sarum horen Sir Bledri en Sir Grigor over Praetor Syagrius uit het Gallische Soissons, die om hulp vraagt van Koning Uther in de strijd tegen de Franken. En Sir Madoc, de bastaardzoon van Koning Uther wil dit jaar wraak nemen op de Saksen bij Colchester. Maar helaas, Sir Roderick houdt zijn jonge ridders bij zich dit jaar. Zij moeten de rondes maken door Salisbury en rapporteren over alles wat zij maar aantreffen.

Sir Bledri en Sir Grigor rijden hun patrouilles in het oosten van Salisbury, ten zuiden van het Chute woud en ten westen van Harewood.


De ritten zijn saai en voorspelbaar, maar een goede oefening voor de paarden en de schildknapen. Maar dan horen de ridders gegil en geschreeuw over een heuvel komen. Ze geven hun paarden de sporen en zij zien dat in de buurt van het dorpje Newton Tony een boerderij wordt aangevallen door bandieten! Snel grijpen zij hun speren en geven hun paarden de sporen. Zonder problemen worden twee van de bandieten neergestoken. Een lafaard valt flauw en bevuilt zichzelf. Twee anderen probleren het Chute Woud in te rennen. Maar Sir Grigor weet die nog te doden. 
Sir Bledri realiseert zich dat deze mannen afkomstig zijn uit Silchester. Die lui zijn niet te vertrouwen. En dan bevindt de stad Levcomagus zich wel erg dichtbij. De Steward van Levcomagus heeft een hekel aan Sir Roderick en alle mensen uit Salisbury. De ridders weten niet goed waarom, maar wel dat dit grote gevolgen kan hebben. Zij besluiten om de flauwgevallen bandiet naar Sir Roderick te brengen in Sarum. Zij willen hem ook ondervragen en geven hem een flink pak slaag (Grappig wel, Sir Grigor is merciful (16), maar faalde zijn merciful rol, Sir Bledri is redelijk wreed (cruel 10), maar faalde zijn cruel rol, dus de rollen van good cop, bad cop werden omgedraaid). 
De bandiet biecht op (door gescheurde lippen) dat hij handelt in opdracht van Sir Arnold, Steward van Levcomagus. Dit is groot nieuws natuurlijk. Sir Roderick schrikt ook van dit nieuws, Sir Arnold wil grote risico's nemen, want zijn leenheer, Hertog Ulfius van Silchester is een vazal van Koning Uther, net als Sir Roderick.
Sir Roderick geeft de ridders te opdracht terug te keren naar het grensgebied met Silchester en te blijven patrouilleren. Dit moet in de gaten gehouden worden!

Tijdens de volgende patrouille komen Sir Bledri en Sir Grigor weer een boerderij tegen, dit keer in de buurt van Over Wallop, die geplunderd wordt. Dit keer is er ook een jonge ridder aanwezig, die leiding geeft aan de bandieten. Dat suggereert toch veel meer coördinatie dan eerst gedacht werd!
Sir Grigor geeft zijn paard meteen de sporen, geïnspireerd door zijn loyaliteit naar zijn heer. Maar de jonge ridder verdedigt zichzelf ook goed. Er worden verschillende klappen uitgewisseld, maar dan sterft de jonge, onbekende ridder alsnog. 
Sir Bledri is ernstig uit zijn hum door dit solistische optreden van Sir Grigor, hij wilde zelf de jonge ridder aanvallen en verslaan. Nu moet hij zich tevreden stellen met het doden van bandieten! En dat is nog niet makkelijk, één bandiet weet met zijn dolk door de wapenuitrusting van Sir Bledri heen te komen! En nog flink wat schade aan te richten met het roestige lemmet (dagger crit, dubbele schade)!
Na afloop van het gevecht gaat Sir Bledri verhaal halen bij Sir Grigor. Na het uitwisselen van wat klappen, daagt Sir Bledri Sir Grigor uit tot een duel, om genoegdoening te krijgen voor het feit dat Sir Grigor 'zijn ridder' heeft gedood. 
De jonge ridders nemen het lichaam en het schild mee van de jonge, gedode ridder. Sir Roderick herkent de dode jongeman als Sir Arousse, jongere broer van Sir Arnold van Levcomagus! Dit is een groot probleem. Sir Arnold zal woedend zijn en het is de vraag of Sir Ulfius weet waar zijn vazal mee bezig is!

Mei 486 A. D. 

Het duurde even voor Sir Bledri hersteld was van de schade van de dolk van de smerige bandiet. Maar wanneer hij eenmaal genezen is, zoekt hij Sir Grigor weer op. Dan vindt het duel plaats tussen Sir Bledri en Sir Grigor. Sir Bledri wil dat ze vechten met zwaarden tot een van hen gewond is. Beiden laten zich inspireren door hun gevoel voor eer (Passion Honor). Met slechts een klap weet Sir Grigor Sir Bledri flink te verwonden. Daarmee wordt aangetoond dat in de ogen van God en samenleving Sir Grigor correct heeft gehandeld bij het aanvallen van de jonge ridder, zonder dat te overleggen met Sir Bledri.