zondag 9 juli 2017

Pendragon XLIX - De Slag bij Eburacum

Het is een tijd lang rustig geweest in Brittannië, maar nu beginnen de Saksen zich toch weer te roeren. Niet alleen in Brittannië zelf, ook op het Europese vasteland zijn de Saksen onrustig. Maar gelukkig zullen de dappere ridders van zich laten horen. En verder is Gwenda, de eerste vrouwelijke ridder, nog maar kort geleden in het kraambed overleden. Haar oom Dafy, keert terug uit het klooster, waar hij lange tijd verbleef. Maar zijn verblijf aldaar heeft hem veranderd, en zijn haat ten aanzien van alles wat Faerie is, is alleen maar erger geworden.

Bradwen Eenoog
Caulas van Salisbury
Eric van Burcombe
Dafy van Berwick St. James (Afwezig)
Ignaeus van Broughton

Sarum, vroege lente 516

Sir Caulas en Sir Eric ontvangen van hun minstreel-troupes verontrustende berichten (Intrigue critical voor beiden). In Deira is een grote vloot van Saksen de Humber opgevaren. Ze hebben Eburacum belegerd en ingenomen. Koning Barant de Apres, die Malahaut regeerde en trouw zwoor aan Hoge Koning Arthur, is gevlucht naar Catterick.

Barant de Apres
Koning van Malahaut

Sir Caulas weet wat dit betekent en hij maakt zijn mannen klaar om naar Carlion te vertrekken, waar Hoge Koning Arthur dit jaar zijn hofhouding verzamelt.
Sir Dafy blijft achter in Salisbury. Hij wil na vele jaren afwezigheid weer orde op zaken stellen in Berwick St. James.

Carlion, lente 516

In Carlion blijkt Arthur praktisch van de muren te stuiteren van woede. Nog maar 4 jaar geleden heeft hij de Koning van Malahaut aan zich onderworpen en een alliantie met hem gesloten en nu moet hij daar alweer heen om Malahaut te bevrijden van de Saksische invasie. En hij heeft verdorie een mooie, nieuwe vrouw waar hij veel om geeft! Arthur wil op stel en sprong optrekken naar Malahaut en Eburacum bevrijden, zodat hij daarna zich weer kan wijden aan zijn vrouw en gezin. 
Caulas vindt dat helemaal geen goed idee en hij zet alles op alles om in een gesprek zijn schoonzoon ervan te overtuigen dat het beter is om te wachten op steun vanuit andere delen van Brittannië. Het heeft geen zin om nu snel op te trekken tegen de Saksen en dan niet te winnen (Orate critical).
Caulas neemt de tijd om een plan te maken. Hij en Arthur zullen over land optrekken naar Ebracum om daar slag te leveren met deze Saksen onder leiding van Colgrim en Badulf, Koningen uit Saksen. Ondertussen zal Kay van Winterbourne Stoke, waar Arthur enige tijd woonde, toen de Saksen plunderden in Salisbury, een deel van het leger meenemen en langs de Saksische kust naar de Humber varen en daar Colgrim en Badulf in de rug aanvallen. 

Colgrim,
De Saksische Koning

Terwijl Sir Kay vertrekt op zijn gevaarlijk zeereis, verzamelt Earl Caulas alle mogelijke mannen. Koning Cador uit Cornwall doet natuurlijk mee, net als verschillende Graven en Hertogen van Logres. Maar ook vanuit noordelijk Brittannië kan Earl Caulas op steun rekenen. 
Terwijl Earl Caulas van hot naar her rent, om alles te organiseren, loopt hij ook Merlijn tegen het lijf. Deze begint voorspellingen te doen. 

Elke veranderingen kan een ramp lijken, wanneer je alleen de donkere kant ziet. 
Maar de wereld danst van duister naar licht en weer terug, altijd veranderend. 
En nu leven we in zo een tijd van veranderingen. 
Terwijl de aarde draait, vinden er grote veranderingen plaats. De magie en wonderen van het land worden actief. De wonderen van het land zullen blijven groeien.

Earl Caulas vindt dit allemaal maar wazig geklets en vraagt Merlijn wat hem nou precies te wachten zal staan in de komende strijd in Malahaut. Merlijn zegt dat de reis belangrijker is dan de bestemming. Earl Caulas geeft het op. 
Maar Sir Eric denkt terug aan het nieuws dat hij vorig jaar kreeg. In een ver koninkrijk gebeurde een vreselijk ongeluk en sindsdien gebeuren er allerlei vreemde en onnatuurlijke zaken in dat koninkrijk. Heeft dat hiermee te maken?

Maar Earl Caulas heeft meer problemen. Hij heeft Hoge Koning Arthur er dan wel van kunnen overtuigen dat hij moet wachten met optrekken naar Eburacum, maar Hoge Koning Arthur staat erop dat hij zijn vrouw, Hoge Koningin Clare meeneemt op de veldtocht. Earl Caulas besluit om de reis voor Hoge Koningin Clare zo ongemakkelijk te maken, dat zij "vrijwillig" besluit om achter te blijven en terug te keren naar Exeter. 

Zomer, noordelijk van Lincoln

Hoge Koning Arthur en zijn leger stuitten laat in de middag plotseling op een leger van de Saksen. De verkenners hebben duidelijk hun werk niet gedaan en gehaast gaat iedereen over tot de strijd. 

1e ronde
Sir Bradwen en Sir Ignaeus doen dapper mee aan de eerste slag en vechten zich zonder al te veel problemen door een stel ceorls heen. Eigenlijk zijn deze tegenstanders nu beneden hun waardigheid. 

2e ronde
Tijdens deze tweede ronde blijkt dat de verwarring nog niet is opgelost en de legerleiders besluiten om zich terug te trekken naar een beter verdedigbare positie, waar zij de nacht kunnen doorbrengen. 

Bij nacht

Earl Caulas ziet erop toe dat het kamp zo goed mogelijk wordt opgesteld, zodat ze niet meer overvallen kunnen worden door een onaangename verrassing. Sir Caulas en Sir Ignaeus besluiten om net als Arthur gewoon te gaan slapen. Sir Bradwen en Sir Eric vertrouwen het niet en houden hun wapenrusting aan en blijven alert. 
Maar dan vallen die Saksen toch aan in het duister! In paniek proberen de troepen weerstand te bieden, maar in het donker is het een enorme chaos. 

Sir Ignaeus treft Howling Warriors en wordt al snel door hen bewusteloos geslagen! Gelukkig was hij omringt door zijn vazallen, die hem snel naar veiligheid brengen. De andere ridders treffen nog Frothing Warriors en Grunting Spearmen.

(Dit keer gebruikten we tabellen uit the Book of Battle, een daar kom je dit soort vreemde tegenstanders tegen. Ik moet zeggen dat het homo-erotisch gehalte van deze sessie daarmee wel enorm omhoog ging.)

Na verloop van tijd wordt het duidelijk dat het geen gecoördineerde aanval is. Kennelijk waren de Saksische troepen ook verdwaald en troffen zij het leger van Arthur in de nacht.

De volgende morgen

De volgende morgen blijkt er niet veel schade te zijn aangericht met de nachtelijke aanval van de Saksen. Arthur stuurt de gewonden naar Lincoln om daar bij te komen. Hij en Caulas hebben niets meer gehoord van het leger onder leiding van Sir Kay, maar gaan er van uit dat hij op schema ligt. Arthur trekt verder naar Eburacum.
Na een flinke tirade van Sir Caulas tegen de verkenners, naar aanleiding van de dag ervoor, is iedereen nu alert. En dat levert meteen wat op. De troepen van Colgrim en zijn broer Badulf van Saksen, zijn totaal verrast wanneer zij het leger van Arthur zien. Arthur gaat meteen over tot de aanval.

1e ronde
Sir Ignaeus is de vorige avond uitgeschakeld, maar Sir Caulas, Sir Bradwen en Sir Eric nemen dapper deel aan de First Charge tegen Grim Warriors, die zonder veel problemen verslagen worden.

2e ronde
Dit keer vecht iedereen tegen Chanting Warriors, die allemaal worden gereduceerd tot rode mist! De ridders zijn goed bezig!

3e ronde
Sir Caulas is toch altijd wat ongeduldig en hij besluit om nu de aanval in te zetten op deze vuige Saksen. Hij daagt Colgrim uit tot een persoonlijk gevecht. Colgrim voelt zich gedwongen om er op in te gaan en niet te rekenen op zijn lijfwachten.
Het is een heftig gevecht, van twee ervaren strijders tegen elkaar, maar uiteindelijk weet Sir Caulas dan toch Colgrim te doden.

4e ronde
De lijfwachten van Colgrim laten zich nu niet onbetuigd en vallen Caulas aan en weten hem al vrij snel te verslaan! Bewusteloos stort hij ter aarde. De woeste lijfwachten van Colgrim staan op het punt op de Coup de Gras uit te delen!

5e ronde
Sir Bradwen is in de buurt en ziet dat zijn heer, Sir Caulas neergaat. Hij heeft niet heel diepe gevoelens voor Sir Caulas (Loyalty Lord 3), maar dit kan hij toch niet over zijn kant laten gaan. Hij zet de aanval in.
Na een hevig gevecht valt ook Sir Bradwen! Maar de lijfwachten zijn ook zozeer gewond geraakt, dat zij zich terugtrekken.

6e ronde
Na de dood van Colgrim trekt het leger onder leiding van Badulf zich terug in Eburacum. Koning Arthur heeft net gezien hoe zijn schoonvader Caulas bijna stierf en zijn beste vriend stierf! Hij zet de achtervolging niet in, maar probeert zijn leger bij elkaar te rapen.


Naweeën

Koning Arthur kan het niet opbrengen om dit jaar ook nog Eburacum te belegeren. Zijn beste vriend is gevallen op het veld van eer en nu verkeert hij in diepe rouw. Volgend jaar zal Baldulf verdreven worden uit Eburacum. Voor nu overwintert hij in London om zich te beraden op nieuwe stappen. 

Ondertussen is Kay ook niet nutteloos geweest. Toen hij aankwam bij de Humber, was dat net op tijd om de verse troepen van het continent, onder leiding van Cheldric van Saksen tegen te houden. De Saksen zijn echt met een grote opmars bezig. 

Winterphase 516/ 517

Bradwen is dan wel overleden, zijn vrouw Guinefach geeft hem alsnog een zoon, die zij Bradwen noemt. Verder besluit Morgaine, die sinds zij vanaf 498 is opgevoed door Benno van Steeple Langford, om in te grijpen in Steeple Langford. Benno is al lang dood, Bradwen is overleden, zijn oudste zoon Brutus (504) is nog veel te jong om zelf te regeren en haar zoon bij Brikus, Brynmor (510) is ook nog te jong. Iemand zal daar nu de leiding moeten nemen. 
Maar Guinefach is natuurlijk ook opgeleid om te regeren over een domein, als dochter van een koning. En wie weet wat Taxus in het Elfenrijk van deze ontwikkelingen vindt? 

Tot de grote schrik van Caulas blijkt zijn dochter Gwen (bij zijn vrouw Elaine, de Hoer van Salisbury) wel erg veel op haar moeder te lijken. Ze is buitengewoon ijdel (-10 bij Call to Arms)

Sir Erik heeft ineens een dochter. Niemand weet wie de moeder kan zijn, maar aangezien hij verloofd is met Guinevere, zal dit toch zeker voor problemen zorgen. Zal hun prille, romantische liefde dit verraad kunnen overleven?

Ignaeus heeft voor de verandering eens een rustig jaar.