Translate

zaterdag 16 mei 2026

Call of Cthulhu XXVIII - In de krochten van de Villa

De soldaten trokken naar Poissy, maar durfden niet in de avond het landgoed van Comte Fenalik te benaderen. Dat doen ze de volgende morgen.

Emile Rouzet
Jacob de Rothschild
Marc de Guesclin (afwezig)
Nicholas D'Arcy
Antoine D'Eclaire

6 juni 1789, Poissy

Na een nacht te hebben doorgebracht in de Auberge van Poissy, gaan alle soldaten in alle vroegte naar het landhuis van Comte Fenalik, even buiten Poissy. Luitenant Jacob de Rothschild was zo verstandig om vijf man versterking mee te nemen. 
Om het landgoed is een hoge muur gebouwd, en een ijzeren hekwerk sluit de toegang af. Door de spijlen van het hekwerk zien de soldaten wel een enorme, goed onderhouden tuin. Maar de planten herkennen zij niet. Het lijken rozen, maar niet in kleuren die iemand ooit gezien heeft (Natural World succes). 
Verder bestuderen ze het huis. Het huis geeft de soldaten een vreemd gevoel. Geen lijn lijkt recht of waterpas te lopen. Alles lijkt schots en scheef, helt het huis over? Antoine en Jacob weten het zeker (EDU succes en SAN Loss), het huis kan niet! Het zou moeten instorten! Waarom staat het nog overeind? 

Ondertussen zijn Emile en Nicholas druk bezig om het slot van het hek vol te proppen met buskruit en een lont. Als ze dat kunnen laten ontploffen, komen ze ook wel binnen. Dit plan werkt en het slot barst open. De soldaten lopen door de tuin naar binnen. Nu kunnen ze de planten van dichterbij zien. Het zijn bijna allemaal rozenstruiken, maar met rozen in kleuren die ze niet eerder zagen, blauw, zwart, zilverwit. Het doet allemaal erg vreemd aan. Andere planten zijn ook woekerende struiken met stekels zoals bramen. Alles is bijzonder verwilderd. 
Aangezien ze op een missie van hun kapitein zijn, lopen zij naar de voordeur en kloppen aan. Nu zij eenmaal op de stoep staan, realiseert Nicholas zich ook dat het huis niet kan en zou moeten omvallen (Eveneens EDU succes en SAN Loss). 

Wanneer een bediende opendoet, forceert Antoine zich naar binnen. In de ontvangsthal zien zij een standbeeld. Even later realiseren zij zich dat dit een gevilde en opgezette man is. Om de een of andere reden is hij gekleed in de robes van een Paus! Dit is natuurlijk afschuwelijke heiligschennis en reden genoeg om Comte Fenalik te arresteren! Nicholas D'Arcy ziet ook nog dat de "Paus" een ring draagt. Aangezien Nicholas D'Arcy vol zit met rare weetjes herkent hij deze ring als de Vissersring van Paus Martinus V, die in 1431 is overleden. Aangezien de Vissersringen altijd worden vernietigd na de dood van Paus, moet dit wel een vervalsing zijn (Religion succes). 

Apostel Bartolomeüs, ook gevild



Het binnendringen van de soldaten heeft de aandacht getrokken. En bijzonder onguur volk komt nu de trappen afgelopen. Het zijn allemaal bewakers in dienst van Comte Fenalik. Zij willen de soldaten aanvallen. Luitenant Jacob de Rothschild laat zich niet van de wijs brengen. Hij commandeert zijn soldaten om hun musketten aan te leggen en te schieten om te doden!
De bedienden van Fenalik geven zich over. Zij zijn wel doodsbang voor hun heer en meester, nog meer dan normaal bij bedienden van Aristo's. Wat is hier toch gaande? Jacob besluit het tot de bodem uit te zoeken. Hij laat alle bedienden knevelen en binden en ondervraagt en daarna een voor een. Een paar bedienden laten niets los, maar dan begint er iemand te babbelen. Hij heet Alexander en is doodsbenauwd voor Comte Fenalik, maar nog meer voor het grote wapen van Emile (Intimidate succes). Hij zegt dat hij meer een gevangene is dan een bediende, als je eenmaal werkt voor Comte Fenalik, kun je nooit meer weg. Antoine geeft aan dat de voordeur gewoon open is, de bedienden kunnen vertrekken, als zij willen. Niemand maakt gebruik van dat aanbod. Ze mompelen dat ze nooit weg kunnen. 
Uit Alexander valt niets zinnigs meer te halen. Antoine haalt de volgende gevangene uit de line-up. Hij is de bad cop, terwijl Luitenant Jacob de good cop is. Jacob laat doorschemeren dat hij Comte Fenalik kent en een groot bewonderaar is van hem! Dat maakt de bedienden alleen maar banger! Maar ze laten wel los dat er nog andere mensen in het huis zijn, Dietrich Zann en Celine. Zij waren gisteravond het entertainment. 

Luitenant Jacob de Rothschild en zijn mannen besluiten dat het huis grondig doorzocht moet worden. Eerst gaan zij de trappen op. Op de eerste verdieping vinden zij verschillende prachtig ingerichte kamers, een is gemaakt als de cel van een monnik, een ander als een kamer in een Venetiaans Paleis, nog weer een als een kamer in een Turkse harem. Voor Jacob voelt het allemaal aan als een exclusief bordeel. 
De volgende trap brengt hen naar de zolder. Daar vinden zij kamers van de bedienden. In een daarvan zitten Dietrich Zann en Celine opgesloten. Tot het afgrijzen van de soldaten is Dietrich een dwerg en hij is geschminkt als de onlangs overleden Dauphin. Ze wisten natuurlijk wel dat de Aristos tot wat rare dingen in staat zijn, maar de spot drijven met een overleden Koninklijke kleuter is wel een nieuw dieptepunt. 
Dietrich en Celine zijn erg blij dat zij gered worden door de dappere soldaten. Maar ze kunnen niet vertrekken. Dat mag niet van de Comte. En weglopen heeft geen zin. De soldaten raken erg van de kaart van de nadruk die de bedienden en de gevangen leggen op het feit dat ze niet wegkunnen. Welke waanzinnige greep heeft de Comte op mensen?
Dietrich werkt voor de Comte aan een muziekstuk, "Music from Beyond", maar het is nog niet af. De soldaten brengen Dietrich en Celine naar beneden en zoeken  verder. Ze vinden ook de 'slaapkamer' van de Comte. Hoewel daar een bed staat, en een nachtkastje en alles wat hoort bij een slaapkamer, is het wel duidelijk dat de Comte hier nooit slaapt. Er staan geen sloffen onder het bed, er ligt geen boek op het nachtkastje. Deze slaapkamer is een toonzaal. Het enige vreemd dat ze vinden is een serie van hele kleine gaatjes in de vloer van de slaapkamer, onder het bed. Het is onduidelijk wat de bedoeling is van deze gaatjes, ventilatie?  

De soldaten besluiten weer naar beneden te gaan. Ze bekijken eerst nog het koetshuis. Daar staat de witte koets met rode belijning, die hen een paar nachten geleden nog van de sokken reed. Als de koets hier is, dan moet de Comte toch ook hier zijn? Waar is die man? Emile maakt een merkteken op een onopvallende plek op de koets. Als ze hem dan nog eens zien, kunnen ze zien dat het dezelfde is. 

De soldaten besluiten om nu de kelders onder het huis in te gaan. Alles moet doorzocht worden! De kelders onder het huis onthullen weer allerlei nieuwe gruwelen. In plaats van een voorraadkelder of zo, met veel te veel wijn, vinden ze de ene gruwel na de andere. 
Een steile trap leidt naar beneden, naar cellen voor gevangenen! En er liggen dode mensen in de cellen, sommigen zijn duidelijk gemarteld op martelwerktuigen. Wat is hier gaande? In een van de cellen ligt een man, die duidelijk is doodgeranseld. Maar hij draagt een rode jurk. Emile, Jacob en Nicholas herkennen de jurk als een jurk die Marie Antoinette, de Koningin zelf ook gedragen heeft! Net als de gevilde en opgezette man, die gekleed was als een paus, is deze vorm van majesteitschennis voldoende om Comte Fenalik te arresteren en in de diepste kerker van de Koning te gooien. 
Aan het einde van deze gang vol gruwelen, komen de soldaten iets tegen, dat hun verstand bijna te boven gaat. In een nieuwe cel zijn mensen opgehangen tegen de muur, hun ledematen gestrekt en gedraaid in onnatuurlijke vormen, het is waarschijnlijk maar beter dat deze mensen dood zijn en niet meer lijden. Verder staan er in deze ruimte verschillende grafkisten, met daarop allerlei boeken, vellen papier en notities. Het lijkt allemaal te gaan over het villen van mensen! Tenslotte staat er nog een vreemd standbeeld in deze ruimte. Het lijkt op een mens, op iemand die de soldaten kennen, maar niemand weet precies wie. Verder lijkt er bloed uit het standbeeld te druipen en horen de soldaten gekreun (De soldaten hebben het zwaar en verliezen in deze ruimte allemaal behoorlijk veel SAN). 

Dan komt er rook of stoom uit het plafond. Hier zijn weer dezelfde soort ventilatiegaatjes als in de slaapkamer van Comte Fenaliks slaapkamer. De soldaten beginnen allemaal hevig te hoesten van de rook. Zou het giftig zijn? Wanneer de soldaten door hun betraande ogen weer wat kunnen zien, staan zijn oog in oog met Comte Fenalik! Hij valt aan. 



vrijdag 15 mei 2026

The English Patient (film)

Ik keek The English Patient (1996) van Anthony Minghella. De film is gebaseerd op het gelijknamige boek van Michael Ondaatje, dat ik een tijdje geleden ook gelezen heb



Verder zit de film boordevol met bekende koppen uit de jaren '90, die hier nog aan het begin van hun carrière stonden. De hoofdrollen zijn voor Ralph Fiennes (The Menu, Spectre) en Kirsten Scott Thomas (Only God Forgives). Verder zien we ook nog Juliette Binoche, Willem Dafoe (Nosferatu (2024), Shadow of a Vampire), Naveen Andrews, Colin Firth (Tinker, Tailor, Soldier, Spy (2011)) en Jürgen Prochnow (Dune (1984), In the Mouth of Madness).   


Spoilers

Deze film is ook alweer 30 jaar oud (wat gaat de tijd toch snel) en was indertijd behoorlijk populair, maar let toch op. 
De film begint in de nadagen van WOII tijdens de met een onbekende man (Fiennes) en een vrouw (Scott Thomas) in een vliegtuigje boven de woestijn. Ze worden neergeschoten en het vliegtuigje stort in vlammen neer. Gelukkig zijn er vriendelijke Bedoeïnen die weten hoe je ernstig verbrandde mensen in leven moet houden, dus de man wordt gered en belandt in een Brits veldhospitaal. De man claimt niet meer te weten wie hij is, maar wel dat hij een Engelsman is. De Britten vinden het maar verdacht en denken dat hij een spion voor de Duitsers is. 

Uiteindelijk belandt The English Patiënt dan in een Italiaanse villa, onder verzorging van verpleegster Hanna (Binoche) terwijl de rest van het leger verder gaat met de bevrijding van Italië en hopelijk de rest van het Europese continent. Hanna worstelt met haar eigen verliezen. Haar man is dood, haar beste vriendin is dood, dus deze patiënt moet blijven leven. 
The English Patiënt vertelt Hanna steeds over zijn tijd in Caïro. Hij was onderdeel van een Internationale groep archeologen die in de woestijn van Egypte en Libië onderzoek deden. Ze vinden de Grot van de Zwemmers. 
Wanneer onderzoeker Geoffrey Clifton (Firth) zijn vrouw Katherine (Scott) meeneemt naar de woestijn, veranderen de verhoudingen binnen het team van mannen. Graaf Almasy (Fiennes) begint een affaire met Katherine.  

De affaire duurt voort, terwijl de oorlogswolken al aan de horizon samenpakken. Geoffrey Clifton realiseert zich dat zijn vrouw een affaire heeft. Hij beraamt een zelfmoord - moord - moord door zijn vliegtuigje, met zijn vrouw aan boord te laten neerstorten op Almasy. Almasy weet op tijd weg te duiden, Geoffrey sterft, maar Katherine leeft nog. Almasy legt haar te rusten in de Grot van Zwemmers en gaat hulp halen in een nabijgelegen post van de Britten. Maar ondertussen is de oorlog uitgebroken en wordt hij als buitenlander gearresteerd door de Britten. 
Pas later, als Almasy heeft kunnen ontsnappen, vertelt hij de oprukkende Duitsers alles wat hij weet, om een vliegtuig te kunnen regelen en daarmee naar de Grot van de Zwemmers te kunnen gaan. Maar Katherine is inmiddels al overleden. Op de weg terug wordt zijn vliegtuigje neergeschoten en raakt Almasy ernstig verbrand. 

Almasy verzwakt snel en overlijdt. Hanna, Caravaggio en Kip gaan ieder hun eigen weg. 

Conclusie

Dit is een prima film, boordevol met prima acteurs. Het is goed te zien waarom bijna iedereen na deze film nog een interessante carrière heeft gehad. 
Verder blijft het verhaal ook redelijk trouw aan het boek. Er wordt steeds heen en weer gesprongen tussen het verhaal van de Engelse Patiënt en van Hanna en haar huisgenoten. En de parallellen tussen die twee groepen zijn ook vrij duidelijk. Op twee verschillende plekken en verschillende tijden proberen twee groepen van verschillende nationaliteiten samen te werken en de tijd door te komen met elkaar. En op de achtergrond speelt steeds dezelfde oorlog. En uiteindelijk weet iedereen wat katharsis te vinden wanneer ze elkaars verhalen tot het bittere eind hebben aangehoord. 

Zeker de moeite van het kijken waard


zondag 10 mei 2026

Hazelnoottaart

Een tijdje geleden had ik wel heel veel eiwit over (nadat ik alle dooiers voor iets anders nodig had). En wat doe je daar dan mee. Ik kan er natuurlijk merengue mee maken, maar dat verveelt na een tijdje ook. Nou weet ik dat sommige mensen van hazenoot-schuimtaart houden. Dus dat heb ik ook eens geprobeerd. Via Laura's Bakery vond ik een werkbaar recept, dat ik grotenteels gevolgd heb.  




Van de eiwitten en suiker en gehakte hazelnootjes heb ik drie ongeveer even grote plakken merengue gemaakt. Toen moest ik nog bakkersroom maken, wat een soort dikke custard is. Ik heb gesmokkeld met custard uit een pakje in plaats van zelf maken, en dat werkte net zo goed. 

Toen na heel lang, heel langzaam bakken de merengue schijven eindelijk hard waren, heb ik heel voorzichtig de taart samengesteld. Ik had niet meer de energie om ook nog een laag room over de buitenkant te doen, maar na wat versieren met resterende hazelnoot en nougatine, was het toch een charmante taart geworden. En erg lekker, dat is het belangrijkst. 

Erg lekker, maar wel ontzettend veel werk. Alleen voor hele speciale gelegenheden. 

zaterdag 9 mei 2026

Uitplanten

Het weer wordt steeds warmer en dat betekent dat alle planten die al weken braaf in mijn vensterbank groeien, naar buiten mogen. Ik was al een tijdlang pepertjes, courgette en pompoen aan het kweken in de vensterbank. En nu was het dan eindelijk zover. Het mocht de tuin in. 

Rabarber, chili en courgette. 

Hopelijk slaat het allemaal lekker aan, houden de slakken hun vraatzucht in bedwang en kan ik over een tijdje weer eindeloze hoeveelheden courgette oogsten. 

De Chilipepers oogst ik altijd als ze mooi rood zijn. En dan gaan ze een middagje de oven in, zodat ze mooi drogen. In een potje gaan ze dan de hele winter mee en gaan ze een voor een in het avondeten. Het past prima in soepen, stoofpotten, Oosters of Mexicaans eten. 


zondag 3 mei 2026

Blazing Saddles

Tijdens onze vakantie in Parijs hadden Sander en ik nog tijd om Blazing Saddles (1974) te kijken. deze film van Mel Brooks (Young Frankenstein) maakt korte metten met alle clichés rondom Western-films. Het was zo erg, dat het jaren heeft geduurd voor de Western als genre weer serieus genomen kon worden. 


Verder zien we nog Gene Wilder (Young Frankenstein), Cleavon Little, Madeline Kahn (Young Frankenstein) en Mel Brooks in verschillende kleine rollen. 


Spoilers

Het verhaal start met twee zwarte mannen (Little en McGregor), die werken aan een nieuwe spoorlijn. Ze verdrinken bijna in drijfzand, waardoor de spoorlijn moet worden verlegd. Dit zou betekenen dat de lijn komt te lopen langs het dorpje Rock Ridge. Dat zou de bewoners van dat dorpje erg rijk kunnen maken, en daarmee is het duur ze uit te kopen. 
Lokale politicus Hedley (niet Hedy) Lamarr (Korman) wil de bewoners van Rock Ridge niet uitkopen. Hij denkt dat het makkelijker is om ze te verjagen. Eerst laat hij bandieten de lokale sherrif doden. Dat is niet voldoende, de dorpelingen eisen een nieuwe sherrif. Dan wil Lamarr ze confronteren met het ergste dat er is, een zwarte Sherrif! Hij krijgt de gouveneur van de staat Petomane (Brooks) zover om gevangene Bart (die na zijn avonturen met drijfzand in de gevangenis belandde) aan te wijzen als Sherrif. 
Sherrif Bart vindt zijn weg naar Rock Ridge, maar de lokale bewoners (die allemaal Johnson heten), zitten niet te wachten op een zwarte Sherrif en ze staan op het punt om hem neer te schieten. Bart neemt zichzelf in gijzeling en weet te vluchten naar het kantoor van de Sherrif. Aangezien de lokale bevolking echt heel dom is, lukt dit. 

In het lokale kantoor ligt Jim (Wilder) in een cel zijn roes uit te slapen. Hij was ooit een goede schutter, maar is aan lager wal geraakt. Hij en Bart worden dikke vrienden en hij leert Bart hoe hij zich staande kan houden in het kleine dorpje. Hedley laat het er niet bij zitten en stuurt steeds nieuwe problemen naar Rock Ridge om Bart onderuit te halen, eerst sterke bruut Mongo (Karras) en later verleidster Lilly van Schtup (Kahn). Maar Bart weet overal weerstand aan te bieden. 

Wanneer Bart en Jim uitvogelen dat alle problemen te maken hebben met de spoorlijn, wordt duidelijk hoever de samenzwering van Hedley eigenlijk gaat. Hedley besluit nu alles uit de kast te halen om heel Rock Ridge van de kaart te vegen. Daarvoor verzameld hij alle tuig dat hij kan vinden: Criminelen, Mototbendes, Kamelenrijders, Ku Klux Klan leden en Nazi-soldaten uit WOII. Maar Bart en Jim zitten ook niet stil, zij maken een kopie van Rock Ridge en lokken daar het legertje van Hedley heen, wat leidt tot een gevecht. 

Het gevecht tussen de inwoners van Rock Ridge en de spoorlijnarbeiders aan de ene kant en het legertje van Hedley aan de andere kant loopt steeds verder uit de hand en uiteindelijk rollen ze de set af en belanden op de set van een musical The French Mistake, waar ze slaags raken met de dansers van die film. Hedley Lamarr verstopt zich in een bioscoop waar Blazing Saddles draait, en daar ziet hij dat Bart hem op het spoor is, buiten de bioscoop. Buiten komt het tot een laatste confrontatie. 

Uiteindelijk wil Bart Rock Ridge verlaten, omdat de dorpelingen nu zonder hem verder kunnen. Maar de dorpelingen hebben door dat dat onzin is. Bart wil vertrekken omdat hij zich verveelt. Samen met Jim rijdt hij de zonsondergang tegemoet, tot hij kan overstappen in een comfortabele auto. 


Conclusie

Ik ben meestal geen fan van Mel Brooks films, de humor doet het gewoon niet voor mij. Maar in dit geval vond ik het een erg leuke film. 
Little en Wilder zijn enorm goed op elkaar ingespeeld als vrienden. Jim leert Bart hoe hij zich moet handhaven in Rock Ridge en Bart leert Jim om weer een beetje te leven na zijn persoonlijke crisis. 
Verder is deze film ook een enorme aanklacht tegen racisme in al zijn vormen en in het bijzonder in de Western en daarmee in het hart van de Amerikaans cultuur. Het begint al met de witte eigenaren van de spoorlijn, die de medewerkers van verschillende afkomsten uitbuiten, minachten en misbruiken, terwijl zij juist degenen zijn die het moderne Amerika aan het opbouwen zijn. De eenvoudige boertjes van Rock Ridge zijn geen haar beter, zij willen alleen bescherming van een sherrif die wit is. 
Ik zag enorme parallellen met een andere anti-racisme film, Django Unchained, waar ook een zwarte man onder de vleugels van een (oudere, wijzere) witte man wordt genomen en racisten niet alleen worden neergezet als heen slecht, maar ook heel, heel, heel dom. Maar waar Tarantino geweld gebruikte om zijn boodschap over te brengen, gebruikte Mel Brooks humor om het racisme aan de kaak te stellen. 
Verder wil de film ook nog een hoop zeggen over het genre van de Western. Alles aan de Westerns is fake! Alles! Het verhaal en de pseudo-geschiedenis waar de westerns op gebaseerd zijn, zijn niet echt of zijn ernstig gekleurd. De cowboys waren geen dappere mannen, er waren gekleurde immigranten in het wilde westen. En het leven in het wilde westen was waarschijnlijk ook niet zo heteroseksueel als we (tot aan Brokeback Mountain in elk geval) wilden geloven. 
Deze film is zeer de moeite waard.